TNO twijfelt aan effectiviteit fijnstof beleid voor gezondheid
Het huidige beleid dat gericht is op het verlagen van fijn stof PM2.5 en PM10 levert waarschijnlijk minder gezondheidswinst dan gehoopt omdat de huidige normen voor fijnstof niets zeggen over het gehalte aan ultrafijn stof in de buitenlucht, zo meldt TNO.
De meeste deeltjes die auto’s uitstoten zijn ultrafijn stof, dat wil zeggen kleiner dan 0.1 micrometer. Ultrafijn stof levert nauwelijks een bijdrage aan het totale gewicht aan fijn stof, maar internationaal onderzoek laat zien dat deze deeltjes diep kunnen doordringen in de longen en zelfs in de bloedbaan terecht kunnen komen. De huidige PM2.5 en PM10 normen, gebaseerd op massa voor fijnstof, bieden geen bescherming tegen de schadelijke effecten van ultrafijn stof.
TNO heeft vorig jaar in Nederland verkennend onderzoek uitgevoerd naar de uitstoot van ultrafijn stof door wegverkeer en de verspreiding ervan naar de woonomgeving. Er is gekeken naar de uitstoot door auto’s op een rollerbank, door snelwegverkeer in de Drechttunnel en door stadsverkeer in de binnenstad van Rotterdam. De resultaten laten zien dat auto’s inderdaad veel ultrafijn stof uitstoten en dat concentraties daarvan bij snelwegen en drukke wegen in de stad een factor 5-10 zijn verhoogd. Een dergelijk onderzoek naar ultrafijn stof was binnen Nederland nog nooit gedaan. Het onderzoek bevestigt internationaal onderzoek in o.a. Californië, waarin ook werd gevonden dat wegverkeer een belangrijke bron is van ultrafijn stof.
Verder laat het TNO-onderzoek zien dat het gebruik van biodiesel wel leidt tot verlaagde concentraties fijnstof, maar niet tot verlaging van de toxiciteit van het uitgestoten fijnstof. De samenvatting van het onderzoek is gepubliceerd in het jongste nummer van TNO magazine.
Het terugdringen van fijnstof, gebaseerd op PM2.5 en PM10, leidt niet tot lagere concentraties van ultrafijn stof in de woonomgeving. Nader onderzoek moet worden uitgevoerd om effectiviteit van beleid gericht op terugdringen van PM2.5 en PM10 uitstoot t.a.v. de gezondheidseffecten te kunnen beoordelen TNO neemt deel aan een consortium dat Europees onderzoek heeft voorgesteld, waarbij gezondheidskundig onderzoek wordt gekoppeld aan de concentraties van o.a. ultrafijn stof. Ook in Nederland is aanvullend onderzoek nodig naar de uitstoot van ultrafijn stof en mogelijke gezondheidseffecten.
Laatste berichten in rubriek Duurzaam
Gerelateerde berichten
- Fijnstofconcentraties in de stad laten zich nauwelijks verminderen door uitlaatemissies aan te pakken
De bijdrage van koolstofverbindingen aan fijn stof in stadslucht is groter dan in de lucht daarbuiten. Uit onderzoek is gebleken dat dit het gevolg is van verkeersemissies. De mogelijkheden om fijnstofconcentraties in de stad te verminderen door de uitlaatemissies van het verkeer aan te pakken zijn daarmee gering....... - Sproeien helpt niet tegen luchtverontreining
Opwervelend stof draagt voor circa 60 procent bij aan de verhoging van fijnstof in drukke straten. In een aantal steden zijn daarom proeven met sproeiwagens aan de gang, onder andere in Tilburg, Nijmegen, Utrecht en Amsterdam. De machines besproeien daar eens in de twee weken in drie rondes de straten met water. In Amsterdam is bekeken of sproeien van straten ook echt helpt. Het antwoord is: nee....... - Bomen langs de weg leiden niet tot betere luchtkwaliteit
Het effect van bomen en planten op de luchtkwaliteit in en om steden blijkt beperkt. Soms is de invloed van het groen zelfs negatief. Dat blijkt uit onderzoek van het RIVM in opdracht van het ministerie van VROM en de GGD's in Nederland.......

