Doseren helpt wel
Laat slechts één keer per 34 seconden een auto door en de hoeveelheid verkeer in de spits halveert. Dat is samengevat het resultaat van een viertal doseerinstallaties dat in Midden-Delfland operationeel is. Maar dat wil niet zeggen dat een doseerinstallatie de remedie is tegen alle kwalen, stelt CROW.
In de nieuwe publicatie 268 Selectieve toegang en doseren laat CROW zien waar men aan moet denken bij een doseerinstallatie want er komt nogal wat bij kijken aan organisatorische, technische, juridische en verkeerskundige hobbels. Te beginnen met een goede probleemanalyse waaruit moet blijken of een doseerinstallatie
wel het de beste oplossing is voor het geconstateerde probleem. Als dat het geval is, is het zaak goed te overleggen met de belanghebbenden om zoveel mogelijk draagvlak te krijgen. Verder moet bij toepassing van fysieke maatregelen bij de vormgeving, de inrichting en de werking van het systeem rekening worden gehouden met bestaande regelgeving, richtlijnen en aanbevelingen, zo benadrukt CROW. Het gaat dan onder andere om de passeerbaarheid van de installatie en de herkenbaarheid door bestrating of markering en dergelijke.
En voordat de voorzieningen voor selectieve detectie worden gekozen, is overleg met hulpdiensten uit de regio noodzakelijk. In verband met de toegankelijkheid van nood- en hulpdiensten is calamiteitenbediening vereist.
De laatste fase betreft de implementatie en het beheer van het systeem. Belangrijk is dat de wegbeheerder de goede werking van het systeem kan aantonen bij aansprakelijkheidsclaims. Tenslotte is een gedegen ontheffingenbeleid is gewenst.
Midden Delfland
In Midden Delfland zijn sinds 2006 op vier locaties doseerinstallaties actief. Niet tot ieders tevredenheid, want zeker in het begin werden de installaties een aantal keren aangereden.
Werken doen ze wel. Uit metingen blijkt dat de intensiteit van het verkeer ter hoogte van de installaties vooral tijdens de spits structureel is gedaald. In de avondspits halveerde de intensiteiten op enkele punten. Op de Rotterdamse weg bijvoorbeeld van 400 naar 250 auto’s per uur, op de Kandelaarweg van 200 naar 75 per uur. Buiten de spits – bij weinig verkeer – is er nauwelijks invloed op de intensiteiten.
Alhoewel de lengtes van de wachtrijen zijn afgenomen ten opzichte van het begin, zijn ze nog steeds lang. Regelmatig staan er 30 auto’s in de rij voor het verkeerslicht, maar op twee locaties zijn de wachtrijen wel sterk gedaald.

