Graumans

Fietsers kiezen niet altijd de kortste weg

zwolle_1Fietsers reageren toch net even anders dan vaak in verkeersmodellen wordt verondersteld. Ze kiezen bijvoorbeeld lang niet altijd automatisch de kortste route.

De huidige verkeersmodellen zijn meestal gebaseerd op de aanname dat fietsers altijd de kortste route kiezen. Maar comfort aspecten kunnen ook een rol spelen. Royal HaskoningDHV heeft daarom met de TU Eindhoven onderzoek gedaan naar de invloed van dergelijke aspecten op het routekeuzegedrag van fietsers. Via een ‘stated preference’ experiment is gevraagd aan mensen verschillend ingerichte routes te beoordelen.

In tegenstelling tot wat wordt verondersteld in conventionele verkeersmodellen, blijkt de aanwezigheid van fietsinfrastructuur, wegdekkwaliteit en hellingen op de route van grotere invloed te zijn op routekeuzes dan een reistijdverkorting van in dit geval 4 minuten. Voorrangskruispunten bleken niet van invloed. De invloed van comfortaspecten ten opzichte van reistijdwinning werd groter naarmate de route afstand toeneemt.

Niet iedereen maakt overigens dezelfde keuzen. Er werden verschillen gevonden voor verschillende leeftijden, fietstypes, geslacht en reisdoelen. De aanwezigheid van een vrijliggend fietspad bijvoorbeeld werd belangrijker gevonden door e-fietsgebruikers dan door standaardfietsers en door oudere fietsers vergeleken met jongere.
De deelnemers werd ook de keuze voorgelegd tussen de fiets, auto en het openbaar vervoer.

Bewaakte fietsenstallingen en comfortabele fietsroutes bleken meer invloed te hebben op fietsgebruik dan het aanbieden van een kortere route. Daarnaast had de aanwezigheid van een fietsparkeervoorziening meer invloed op lange afstandsfietsers en woon-werkfietsers.
Een eerste exercitie met de resultaten van het onderzoek in het fietsmodel voor Zwolle laten zien dat er inderdaad andere resultaten uit de bus rollen. De spreiding van fietser over het netwerk is groter dan eerst werd gedacht.


Mail de redactie

MEER OVER DIT ONDERWERP