Graumans

Maken zelfrijdende auto’s rotondes overbodig?

Foto: Tesla

Worden rotondes overbodig als de zelfrijdende auto zijn intrede doet? En kunnen die auto’s wellicht met smalle rijstroken toe?

Vragen waarover TNO en Royal HaskoningDHV zich hebben gebogen. Concrete antwoorden bevat het rapport dat verslag doet van het onderzoek nauwelijks, maar het laat wel zien dat nog veel onduidelijk is over de gevolgen van de zelfrijdende auto voor de infrastructuur.

Bijvoorbeeld ten aanzien van de vraag wanneer die zelfrijdende auto er komt. En óf hij er wel komt.

Het rapport noemt 2075 als jaartal dat waarin in volledig zelfrijdende auto’s gemeengoed zijn. En zelfs dat is nog lang niet zeker. Wel zeker is dat er auto’s zullen rijden die de bestuurder veel werk uit handen zullen nemen, die rijden er nu immers al. Van auto’s met lanekeeping-systemen tot de Tesla die het al bijna helemaal zelf kan, op de autosnelweg tenminste.

Het vormt één van de moeilijkheden als het gaat om het inschatten van de gevolgen voor de wegontwerper. Want niet alleen is onbekend wanneer welke systemen beschikbaar komen, het zal altijd gefaseerd gebeuren waardoor je met verschillende autotypen gelijktijdig rekening moet houden.

Zo verwacht men dat in 2030 voertuigen die – á la de Tesla – die al heel veel kunnen, een penetratiegraad van 5 tot 15% hebben. Dat zou kunnen oplopen tot 35% als de overheid de ontwikkeling gaat stimuleren.

Een maatregel waar je nu al over kunt nadenken is het opvoeren van de kwaliteit van markeringen bij verschillende weers- en lichtcondities. Een kwaliteitsverbetering levert niet alleen voordelen op voor zelfrijdende auto’s die daar mede afhankelijk van zijn, maar ook voor menselijke bestuurders.

Een stap verder is het invoeren van speciale stroken voor zelfrijdende voertuigen, eventueel in combinatie met het invoeren van beprijzen naar plaats en tijd. Ook kunnen rijstroken smaller worden, te beginnen met de linkerrijstrook.

Op termijn kunnen hele autosnelwegen smaller worden ujitgevoerd, door bijvoorbeeld de ruimte tussen rijbanen – waar nu meestal een groenstrook ligt – te benutten en het rijvlak vervolgens variabel in te delen.

Uit oogpunt van veiligheid kan de snelheidslimiet mogelijk verhoogd worden, hoewel dat vanuit energie-efficiëntie en rijcomfort wellicht weer minder gewenst is. Fysieke snelheidsborden zijn niet meer nodig. Met hun on-board map kennen voertuigen de geldende limiet en met communicatie kunnen de voertuigen onderling de optimale snelheid bepalen. Een zelfde redenering geldt ook voor andere verkeersborden en wegmeubilair, aldus de onderzoekers.

Verder verwachten die dat kruispuntoppervlakken compacter kunnen worden door een flexibele indeling van het kruisingsvlak. Voor rotondes geldt een herziening van de inrichting van het middeneiland (doorzicht). “Waarbij het de vraag is of deze kruispuntvorm überhaupt nog zinvol is in termen van afwikkelcapaciteit.”





Mail de redactie

MEER OVER DIT ONDERWERP