De Slimme Stad: welk probleem los je er mee op?

ron_hendriksRon Hendriks – Hoofdredacteur Verkeersnet  

Wat is een Slimme Stad? Simpele vraag, lastig antwoord.

Het hangt er vooral vanaf aan wie je het vraagt.

Vraag je het bijvoorbeeld aan smart city strateeg Kees Jansen, dan zal hij zeggen dat een slimme stad een stad is waar technologie wordt ingezet om het leven van de inwoners leefbaarder, duurzamer, goedkoper en efficiënter te maken.

Vraag je het Ron Bos, adviseur strategie & beleid bij Goudappel, dan zal hij zeggen dat een smart city een stad is waarin ICT een belangrijke infrastructuurlaag vormt, analoog aan weg- of waterinfrastructuur.

Of vraag het Zef Hemel, planoloog bij de UvA, die zal zeggen dat een slimme stad niet alleen een technologisch construct is, maar vooral een groot brein, bestaande uit honderdduizenden individuele breinen die voortdurend met elkaar in verbinding staan. Moderne technologie is daarbij behulpzaam.

Drie deskundigen, drie opinies. Die hier (te) beknopt worden aangeduid en natuurlijk ook niet haaks op elkaar staan. Het is even om aan te geven dat je verschillend tegen het concept van de Slimme Stad kunt aankijken.

Op het congres van volgende week ‘Verkeer in de slimme stad’ komen de genoemde deskundigen uitgebreid aan het woord om hun zienswijze toe te lichten.

Maar hoewel een zekere kadering van het thema behulpzaam kan zijn bij de uitwerking van het concept en het uitwisselen van kennis, is de definitiekwestie natuurlijk niet de hoofdzaak.

Bij de opzet van het congres hebben we vooral geprobeerd om antwoorden te vinden op praktische vragen rond de Slimme Stad. Daar hadden we een heel lijstje van gemaakt, maar bij nader inzien zijn ze eigenlijk terug te voeren tot één hamvraag: welke probleem lost de Smart City op?

Kijken we naar verkeer, dan zie je dat het aantal inwoners in de stad toeneemt, dat de bevolkingssamenstelling verandert, dat de fiets oprukt. En was het vroeger relatief simpel en overzichtelijk, je telde auto’s en stopte dat in een verkeersmodel, tegenwoordig moet je met veel meer factoren rekening houden. Dan kom je uit bij de inrichting van de stad, bij het gedrag van de inwoners in de stad, bij het sociale van de stad.

Dus ook bij de planologen en stedebouwkundigen.

En dan wordt duidelijk dat het echt de hoogste tijd wordt dat de beroepsgroepen gaan samenwerken, want tot mijn verbazing – en dat bleek ook tijdens de voorbereiding van het congres – is dat tot nu toe eigenlijk nauwelijks het geval. Terwijl ze op een flink aantal punten van elkaar kunnen leren en de resultaten van samenwerking ongetwijfeld tot veel toekomstvastere oplossingen zullen leiden.

En daarom ontmoeten op het congres verkeerskundigen, planologen en stedebouwers elkaar voor het eerst in een dergelijke opzet.

Er vielen – bij mij tenminste – nog een paar kwartjes tijdens de voorbereiding van het congres. Gefocust op Big Data en het Internet of Things, zaken die op het congres uitvoerig aan bod komen, kun je denken dat een stad cq. een ontwerper pas echt slim is als hij zoveel mogelijk ICT inzet. En daarbij zou je bijna vergeten dat er – zeker in de verkeerswereld – ook creatieve innovatieve oplossingen te bedenken zijn die werken zonder chips. Bijvoorbeeld door je af te vragen of het niet zonder verkeerslichten kan, als je de snelheden wat omlaag weet te brengen. Ook dan ben je slim bezig. Daarom hebben we eveneens plaats ingeruimd voor dergelijke oplossingen.

En tenslotte, het gaat natuurlijk om de mensen in de stad. En die zijn uit zich zelf al behoorlijk slim. Je zou het niet altijd zeggen, wanneer ze achter aansluiten in de file. Maar ze zijn slim genoeg om zelf vervoer te organiseren buiten de reguliere paden om: deelauto’s, Uber, Snappcar. Maar ze zijn ook slim genoeg om hun eigen plan te trekken, ook al denkt de wegbeheerder dat ze beter anders kunnen rijden. Ook met de – wispelturige mens – moeten we rekening houden, zo zal op het congres uit de doeken worden gedaan.

 

Auteur: Redactie

Reageren op dit artikel is niet mogelijk.