Blog: wel meer dan duizend wielen in de rij 

De file wordt door veel mensen als een enorme ergernis gezien. Maar hoe erg vinden automobilisten de file nu echt? En hoe groot is het probleem nu eigenlijk? Op deze en andere vragen gaat het Kennisinstituut voor Mobiliteitsbeleid de komende tijd antwoorden zoeken, schrijft Jaco Berveling in zijn blog voor VerkeersNet.

Ik word meestal chagrijnig van files. Negen van de tien keer wil ik gewoon zo snel mogelijk van A naar B. Sommigen leunen bij oponthoud ontspannen achterover en zetten een muziekje op. Bij mij wil dat ontspannen niet zo lukken en dat geldt wellicht ook voor tienduizenden andere automobilisten. 

Het probleem staat weer volop in de aandacht. Zo is vanaf 25 april 2019 vier weken lang de documentaire ‘Strijd tegen de file’ op tv. Volgens de makers is de file ‘een van onze grootste ergernissen’.

Verontrusting, berusting en boosheid

De ergernis hoor je terug in de liedjes die over files zijn geschreven. Met een beetje zoeken is er zo een top vijf, zo niet top twintig, over files te maken. Ik heb er nog eens drie uit de jaren 1970 bekeken. In 1974 heeft de Britse, in matrozenpakjes gestoken, groep Sailor succes met Traffic jam. In het liedje klinkt vooral bezorgdheid door over de toegenomen files en de verkeershufters (‘traffic brutes’) die er in staan. 

In 1977 zingt James Taylor, een Amerikaanse singer-songwriter, op zijn album JT over de file. Hier hoor je onvervalste boosheid. Taylor zingt dat zijn eten, tegen de tijd dat hij thuis is, koud zal zijn: “Damn this traffic jam. How I hate to be late”. In 1976 krijgt het liedje File van André van Duin een heel andere invulling. Van Duin gebruikt de melodie van het melancholieke Feelings en in zijn tekst klinkt vooral berusting door. Files zijn niet leuk, maar geen reden om boos te worden:

“File
Oh jongens, wat een file
Wel meer dan duizend wielen staan
Hier in de rij
Eindeloos
Achter een Van Gend en Loos
Ik blijf kalm, ik word niet boos
Maar ik wil naar huis.”

Beleid en onderzoek

Dat files vervelend zijn staat goed op het netvlies van politiek en beleid. Het in stand houden en vergroten van bereikbaarheid is een van de belangrijkste doelen van mobiliteitsbeleid. Congestie wordt gezien als een belangrijk knelpunt. In Nederland verloren we in 2018 zo’n 66 miljoen uur vanwege vertraging op het hoofdwegennet. 

Om de fileproblematiek te helpen verminderen doen Rijkswaterstaat en het Kennisinstituut voor Mobiliteitsbeleid (KiM) regelmatig onderzoek naar het fenomeen. Het onderzoek richt zich veelal op het in kaart brengen van landelijke en regionale ontwikkelingen in voertuigverliesuren of de filezwaarte. Ook voert het KiM in het Mobiliteitsbeeld al jaren analyses uit om de ontwikkelingen in voertuigverliesuren te verklaren. We weten echter minder goed wie er in de file staan en hoe deze mensen de file ervaren. 

Het ervaren van de file

Dat de file door verschillende mensen verschillend wordt beleefd, werd bijna tien jaar geleden al duidelijk. Het KiM keek toen in een draagvlakonderzoek naar autogebruik en files. Er werd toen gevraagd wat mensen voelden bij het terechtkomen in een file. Bij een flinke file, van 7 kilometer lang, noemden de automobilisten vooral irritatie en frustratie, maar ook berusting en acceptatie. Hierbij maakt het overigens wel uit of de file dagelijks is of onverwacht. Lange dagelijkse files irriteren en frustreren meer dan lange onverwachte files.

Een nieuw file-leed-lied

Drie verschillende liedjes, door drie verschillende nationaliteiten gezongen, met drie verschillende visies op de file: bezorgdheid, boosheid en berusting. Het zijn drie gevoelens die ook in het draagvlakonderzoek uit 2010 te vinden zijn. Maar wat vindt de automobilist anno 2019 van de file? Is het inderdaad “een van onze grootste ergernissen”? Hoe erg vindt de automobilist het nu echt? Er zijn immers vergeleken met tien jaar geleden nog meer mogelijkheden om je in de auto te vermaken en op files te anticiperen. Denk maar aan de opmars van navigatiesystemen. Ook is het interessant om na te gaan wat autogebruikers onder een ‘file’ verstaan. En hoeveel mensen staan er (vrijwel) dagelijks in de file en hoeveel niet? 

Het KiM gaat het komende halfjaar deze vragen beantwoorden. We kruipen in de huid van de filerijder en kijken hoe de file vandaag de dag wordt beleefd. Met de resultaten van het onderzoek krijgen we meer zicht op het probleem. Bovendien kunnen we dan beter inschatten in welke mate de huidige manier om files te kwantificeren overeenkomt met wat gebruikers ervaren. En wie weet is het, wanneer de antwoorden op papier staan, dan ook tijd voor een nieuw file-lied. Ik beloof dat ik er, wanneer ik weer eens in de file sta, ontspannen naar zal luisteren.

Jaco Berveling

Auteur: Kennisinstituut voor Mobiliteitsbeleid (KiM)

1 reactie op “Blog: wel meer dan duizend wielen in de rij ”

Pascal Amsterdam|09.05.19|11:31

Als er geen meldingen meer op de radio zouden zijn over ‘files’ zou het probleem snel verdampen. Filemeldingen is in wezen asfaltreclame.

Reageer ook

Nog maximaal tekens

Log in via een van de volgende social media partners om je reactie achter te laten.