Fietsen leidt tot langer en gezond leven

Ondanks het groeiende aantal dodelijke ongevallen onder oudere e-bikers, leidt fietsen toch tot een langer en gezond leven.

Dat stelt onderzoeker Hans Nijland van het PBL (Planbureau voor de Leefomgeving). In het kader van Velo-City 2017 zette hij de meest relevante feiten & cijfers over fietsen en gezondheid op een rij.

Fietsen helpt in het tegengaan van een aantal aandoeningen, zoals diabetes (type 2, ‘ouderdomsdiabetes’), sommige vormen van kanker, hart- en vaatziekten en depressies.

De Universiteit Utrecht en het PBL (2010) berekenden wat het in levensverwachting scheelt als mensen voor hun korte ritjes dagelijks de fiets in plaats van de auto nemen. Ze hebben dan een grotere kans op een verkeersongeval, ademen meer en dieper vervuilde lucht in dan automobilisten, maar hebben minder kans op bovengenoemde ziektes.

De verhoogde ongevalskans verkort de levensverwachting van de fietser met 5 – 9 dagen, door het inademen van vervuilde lucht wordt hun leven naar verwachting nog eens met 1 – 40 dagen bekort, maar door de dagelijkse beweging wordt hun leven juist met 3 – 14 maanden verlengd. Al met al heeft het fietsen daardoor een positief effect op de levensverwachting. Het totale effect van fietsen op de gezondheid is ongetwijfeld groter, omdat hier uitsluitend gekeken is naar de levensverwachting, terwijl er ook veel gezondheidswinst behaald wordt door een geringere ziektelast.

De toename in levensverwachting door meer bewegen overtreft ruimschoots de afname door meer ongevallen en het meer inademen van vervuilde lucht, aldus Nijland.

Sinds 2006 stijgt het aantal ernstig gewonden in het verkeer. Momenteel zijn dat er jaarlijks ruim 20.000, waaronder een steeds groter aandeel fietsers. Ruim twee derde van het aantal gewonden is fietser, met name door enkelvoudige ongevallen zoals het rijden tegen een paaltje en van de weg afraken. Vooral onder oudere fietsers vallen nu meer doden en gewonden dan 10 jaar geleden.

Deels is dit hogere aandeel oudere verkeersslachtoffers te verklaren door de toename van het aantal ouderen en doordat de ouderen van nu actiever zijn. Daardoor nemen ze ook meer deel aan het verkeer. Bovendien is de oudere verkeersdeelnemer minder alert, minder zeker én kwetsbaarder bij een ongeval.

Hoewel de elektrische fiets meer en meer door alle leeftijdsgroepen gebruikt wordt, zijn het relatief veel ouderen die elektrisch fietsen en wellicht verklaart dat ook deels het hoge aandeel oudere fietsers onder de verkeersslachtoffers, zo stelt Nijland.

Leeftijd Elektrische fiets Gewone fiets
< 40 2% 98%
40-59 12% 88%
60-74 26% 74%
75+ 42% 58%
Totaal 10% 90%

Aandeel elektrische en ‘gewone’ fietskilometers per leeftijdscategorie. Bron: OVIN 2013-2015

Recent onderzoek (2017) van een groep Groningse artsen onder bijna 500 patiënten die na een fietsongeval binnenkwamen op de eerste hulp van het Universitair Medisch Centrum Groningen liet zien dat E-bikers vaker ernstig gewond  raken bij een fietsongeval dan gewone fietsers. Toch is hierover het laatste woord nog niet gezegd.

Uit een analyse van het Fietsberaad (2013 ) blijkt dat de fietsongevallen van ouderen op een aantal punten afwijken van doorsnee fietsongevallen. Voor e-fietsongevallen van ouderen geldt dat in versterkte mate.

  • Bij oudere fietsers zijn het vaker enkelvoudige ongevallen (54% versus 43%), bij oudere e-fietsers nog vaker (61%).
  • Oudere fietsslachtoffers verloren vaker het evenwicht bij op- en afstappen (12% versus 5%), bij oudere e-fietsers is dit nog vaker het geval (18%). Davidse (2014) concludeerde dat vooral het afstappen riskant is. Dat heeft te maken met balans houden: elektrische fietsen zijn zwaarder dan gewone fietsen.
  • Bij oudere fietsslachtoffers gebeurde het ongeval vaker in een bocht, bij e-fietsers nog vaker.
  • Oudere fietsslachtoffers maakten op het moment van het ongeval vaker een recreatieve fietstocht, de e-fietsslachtoffers nog vaker.

Het veiligheidsprobleem van e-fietsers is dus in de eerste plaats een uitvergroting van het veiligheidsprobleem van oudere fietsers. Per gereden kilometer is het ongevalsrisico het grootst bij oudere vrouwen vanaf 75 jaar (Fietsberaad, 2013). Dit kan echter ook het gevolg zijn van zelfselectie. Het is namelijk mogelijk dat vooral ouderen met een sterk teruglopende spierkracht kiezen voor een elektrische fiets.

Na de 75 loopt het risico op overlijden door een fietsongeval sterk toe per verreden kilometer, vooral bij vrouwen op elektrische fietsen

Veel fietsongevallen zijn volgens Nijland te voorkomen door de infrastructuur veiliger te maken: fietspaden voldoende breed, gescheiden van het overig verkeer, overbodige paaltjes uit de weg en de resterende paaltjes goed aangeven, de fietspaden goed onderhouden en ’s winters beter strooien.

Ook de (elektrische) fiets zelf kan veiliger gemaakt worden, vooral voor de ouderen, door hem zo licht mogelijk te maken.

Daarnaast helpt het om auto’s en vrachtauto’s veiliger voor fietsers te maken. Zo wordt er momenteel in Europees verband gewerkt aan het invoeren van een airbag voor fietsers. En wordt er gewerkt aan auto’s die uitgerust zijn met intelligente snelheidsadaptatie (ISA), waardoor met name in de 30 km/uur gebieden daadwerkelijk niet harder gereden kan worden dan de maximumsnelheid).

Auteur: Redactie

Reageren op dit artikel is niet mogelijk.