Verdeling fietsgeld bekend: 15 snelfietsroutes en 25.000 stallingsplekken

Provincies, vervoersregio’s, gemeenten en het ministerie van Infrastructuur en Waterstaat investeren op korte termijn 345 miljoen euro in vijftien (delen van) snelfietsroutes en 25.000 fietsparkeerplekken. Dat hebben ze met elkaar afgesproken tijdens regionale overleggen over de meerjarenplannen voor investeringen in infrastructuur (MIRT).

Afgelopen juni maakte de staatssecretaris Stientje van Veldhoven bekend 100 miljoen euro uit te trekken om bij regionale fietsprojecten een versnelling op te schakelen. De bewindsvrouw wil samen met provincies en gemeenten nog deze kabinetsperiode 200.000 mensen extra op de fiets naar het werk krijgen. De 100 miljoen is verdeeld in 26 miljoen euro voor fietsroutes en 74 miljoen euro voor fietsenstallingen. Dit geld gebruikt Van Veldhoven om maximaal 40 procent per fietsproject bij te dragen. De regionale overheden moeten de overige 60 procent bijleggen.

Extra bijleggen

Tijdens de MIRT-overleggen zijn de partijen het eens geworden over de projecten die in aanmerking komen en de rijksbijdrage die daar tegenover staat. Met de 60-40-verdeling zou er in totaal 250.000 euro vrijkomen voor investeringen in fietsprojecten. Het geld dat nu gereserveerd is, is fors meer: 345 miljoen euro. De regionale overheden lieten eerder al blijken dat de bijdrage van Van Veldhoven niet toereikend is, en dus graag meer zien, maar zelf ook wat extra bij willen leggen.

Tekst gaat verder onder de afbeelding

Overzicht investeringen in fietsprojecten. BEELD minI&W

Een rijksbijdrage gaat naar vijftien (delen van) snelfietsroutes, verspreid over het hele land. Hier kunnen fietsers op termijn soepel bij kruisingen, stoplichten of andere obstakels op grote afstanden doortrappen. Het geld komt onder meer ten goede aan de routes Breda – Tilburg, Amersfoort – Utrecht en Assen – Groningen.

“Sinds provincies zijn gestart met de aanleg van snelfietsroutes, in 2006, is al bijna 500 kilometer aan aantrekkelijke fietsroutes gerealiseerd”, zegt Henk Brink, gedeputeerde in de provincie Drenthe en ‘snelfietsroute-ambassadeur.’ “Als het aan de decentrale overheden ligt komt daar de komende jaren in ieder geval nog minstens 600 kilometer bij, met een ambitie voor nog eens 400 kilometer na 2021. Daar kunnen we de bijdrage van de staatssecretaris goed bij gebruiken. Ook maken we bestaande fietsroutes aantrekkelijker, breder en sneller, zodat mensen de fiets in plaats van de auto kunnen kiezen.”

Eerst onderzoek

Er komen in totaal 25.000 fietsparkeerplekken bij. Het gaat niet alleen om plekken bij 53 bestaande stallingen, er komen ook vier hagelnieuwe fietsstallingen bij. Het gaat om stallingen bij de stations Amsterdam Centraal (IJ-zijde, 4000 plekken), Amsterdam Bijlmer Arena (1850), Heerlen (1000) en Rotterdam Alexander (ook 1000 plekken). Overigens is nog niet alle 53 bestaande stallingen het ‘hoe en wat’ bekend. Bij een twintigtal wordt eerst onderzoek verricht.

In de MIRT-overleggen zijn ook afspraken gemaakt over de werkgeversaanpak en fietsstimulering. Van Veldhoven herhaalde hier onder meer dat ze dit landelijk ‘aanjaagt’ door fiscale regelingen voor leasefietsen te vergemakkelijken en door een netwerk van fietsambassadeurs op te zetten.

Dit voorjaar wil Van Veldhoven van start met de Nationale Fietsagenda 2.0, waarin een lopende en nieuwe afspraken worden gecombineerd.

LEES OOK: Provincies en vervoerregio’s investeren fors in de fiets
LEES OOK: Fietsambassadeurs aan de slag om werknemers op de fiets te krijgen
LEES OOK: Rekenmethode fiets van de zaak wordt vereenvoudigd

Auteur: Jan Pieter Rottier

Jan Pieter Rottier is redacteur van VERKEERSNET.nl. Hij schrijft ook regelmatig voor de andere vakbladen van ProMedia Group.

Reageer ook

Nog maximaal tekens

Log in via een van de volgende social media partners om je reactie achter te laten.