‘800 miljoen euro nodig voor fietsinfrastructuur in de regio’

Om te zorgen dat de potentie van de fiets op regionale routes in 2030 optimaal benut wordt, is minimaal 800 miljoen euro aan extra investeringen noodzakelijk. Dat stelt de Fietsersbond na een inventarisatie. Volgens de belangenorganisatie is investeren nodig om de doelen uit het klimaatakkoord van Parijs te halen. 

Het geld zou moeten gaan naar het verbreden van fietspaden en het plaatsen van extra fietstunnels en -bruggen. Dat bevordert, in de woorden van de Fietsersbond, zowel de doorstroming als de verkeersveiligheid. Met de maatregelen is er volgens de belangenvereniging bovendien meer ruimte voor snelle fietsers als e-bikes en speed pedelecs.

Langere afstanden

Sinds 1 januari 2017 heeft de speed-pedelec, de elektrische fiets die een maximumsnelheid van 45 kilometer per uur kan bereiken, juridisch de status van bromfiets. Speed pedelecs moeten daarom binnen de bebouwde kom, bij gebrek aan een brom-/fietspad, naar de rijbaan.

Dat blijft het standpunt van de Fietsersbond, benadrukt een woordvoerder in een toelichting. Lokaal moet volgens hem wel mogelijk zijn. Dat gebeurt in Gelderland. Daar mogen Speed pedelecs binnen de bebouwde kom op het fietspad. Punt van de Fietsersbond is, zegt de woordvoerder, dat veel wegen buiten de bebouwde kom niet berekend zijn op de snelle fiets, en ook niet op de e-bike. Daar is, onderstreept hij, nog een slag te slaan.

De Fietsersbond benadrukt dat deze snelle fietsen meer mensen op de fiets kunnen krijgen, een speerpunt in zowel het Klimaatakkoord als het actieplan Tour de Force. Je kunt er immers langere afstanden mee afleggen. “Door te investeren in de kwaliteit van regionale fietsroutes kan de te fietsen afstand voor woon-werkverkeer opgerekt worden naar boven de 20 kilometer”, zegt de bond in een verklaring. “Met een woon-werkafstand van 22 km woont de gemiddelde forens dan op fietsafstand van zijn werk.”

Ook in de stad

Niet alleen de regio dorst naar investeringen, benadrukt de Fietsersbond, ook de stad. De vijftig grootste Nederlandse steden berekenden deze kosten onlangs op 1,8 miljard euro extra. Hierin is ook het bedrag voor extra stallingsplekken meegenomen.

Deze inventarisatie is naar aanleiding van het klimaatakkoord uitgevoerd door de lokale en provinciale vrijwilligers van de Fietsersbond. De regionale routes die samenvallen met MIRT-projecten en het programma vervanging en renovatie zijn buiten beschouwing gelaten. De 800 miljoen euro komt daar dus bovenop. Investeringen in deelfietssystemen, stallingen en overstaphubs zijn ook nog niet mee genomen in deze eerste inventarisatie.

Auteur: Jan Pieter Rottier

Jan Pieter Rottier is redacteur van VerkeersNet.nl. Hij schrijft ook regelmatig voor de andere vakbladen van ProMedia Group.

Reageer ook

Nog maximaal tekens

Log in via een van de volgende social media partners om je reactie achter te laten.