Fietsers op rotonde in Amersfoort

Dutch Cycling Embassy deelt Nederlandse fietskennis tien jaar wereldwijd

Nederland loopt lichtjaren voor op andere landen en steden als het gaat om de fiets. Die kennis mag gedeeld worden om ook andere steden meer fietsvriendelijk te maken. Dit is in ieder geval al jarenlang het doel van de Dutch Cycling Embassy, die donderdag het tienjarige jubileum vierde. Directeur Lucas Harms blikt terug op deze tien jaar.

Hoe is de Dutch Cycling Embassy ontstaan?

“Eigenlijk bestaan we al iets langer dan tien jaar. Ons werk is medio jaren negentig van de vorige eeuw gestart onder de noemer van “Interface for Cycling Expertise” – of kortweg I-CE. Dat was aanvankelijk vooral gericht op ontwikkelingslanden en het stimuleren van fiets als onderdeel van ontwikkelingssamenwerking.

In 2011 werd dit initiatief omgegooid naar de Dutch Cycling Embassy en sindsdien richten we ons meer op Westerse landen. We houden ons sinds dat moment bezig met de bevordering van export en handel, en het delen van onze kennis, expertise en producten voor de fiets met het buitenland.

We startten we met vijftien tot twintig organisaties in publiek-private samenwerkingen. Dat zijn er inmiddels tachtig, zoals Rijksoverheid, provincies, gemeenten en kennisinstellingen. Maar ook partijen uit de commerciële hoek zijn bij ons aangesloten. Al die partijen samen vormen de Dutch Cycling Embassy.

We zijn flink gegroeid: vorig jaar kregen we bijna 650 vragen binnen van buitenlandse steden. Door covid heeft de fiets een enorme impuls gekregen en heel veel steden willen ermee aan de slag. Dan komen ze Nederland om advies vragen. Wij lopen nog steeds lichtjaren voor op veel andere landen, dus we kunnen ze vaak helpen met onze expertise.”

Wat bieden jullie dan precies aan?

“We hebben vier pijlers: experience, think, act en learn. Bij experience laten we mensen zelf ervaren hoe wij in Nederland omgaan met de fiets. We krijgen jaarlijks tientallen delegaties op bezoek, bestaande uit bijvoorbeeld verkeerskundigen, planologen of stedenbouwkundigen. We hadden onlangs nog een delegatie uit Gdanks uit Polen.

Dan geven wij presentaties, maar we nemen ze ook echt mee op de fiets en vertellen over onze Nederlandse design principles. Hoe richt je steden en straten op een verkeersveilige en fietsvriendelijke manier in? Hopelijk gaan ze dan vol inspiratie weer terug naar hun eigen stad om daar aan de slag te gaan, en levert het voor Nederlandse bedrijven vervolgopdrachten op. Wij zijn als stichting puur een soort middle man.

De tweede pijler draait om de ThinkBike Workshop. Daarbij gaan wij naar een stad toe en gaan we op basis van een echt probleem of specifieke vragen de diepte in. We leveren hiervoor concrete oplossingen en maken de Nederlandse kennis passend bij de lokale, sociale en culturele, geografische omstandigheden. Daar hebben we er de afgelopen jaren tientallen van gedaan. In het kader van ons tienjarige bestaan brengen we een boekje uit over die workshops. Met een aantal case studies laten we zien wat we met die workshops hebben bereikt in tien jaar in verschillende steden wereldwijd.

Act en Learn zijn de laatste twee zaken waar wij ons mee bezighouden. Bij act koppelen we experts of partners uit ons netwerk aan projecten; bij learn gaat vooral over online cursussen en opleidingen. Hier doen we de principes van Nederland Fietsstad uit de doeken.”

Hoe komen zulke steden eigenlijk bij jullie terecht?

“Vaak loopt dit via Nederlandse ambassades in het buitenland. De mensen op deze ambassades kennen vaak de lokale ambtenaren die zich bezighouden met duurzame mobiliteit. Daarnaast worden we ook steeds meer rechtstreeks via social media gevonden.”

Waarom wil jullie de Nederlandse fietsexpertise eigenlijk delen met het buitenland?

“Daarvoor hebben we verschillende redenen. Allereerst bevordert dit de export en het heeft een economische toegevoegde waarde. Het is een mooie manier om Nederland als handelsland op de kaart te zetten. Vaak blijkt de fiets een mooie binnenkomer: er komen geld en opdrachten uit naar voren voor het Nederlandse bedrijfsleven.

Daarnaast heeft het delen van onze expertise een maatschappelijk doel. Wij willen als Nederland Fietsland een bijdrage leveren aan het duurzamer en leefbaarder maken van steden wereldwijd. Nederland is al sinds de jaren 70 bezig met goede infrastructuur, terwijl veel steden om ons heen pas door covid aan de slag zijn gegaan met pop-up bike lanes. Wij lopen dus veertig tot vijftig jaar voor.

Door die kennis over te brengen naar steden om ons heen, kunnen we een bijdrage leveren aan de klimaatproblematiek en bijvoorbeeld de aanpak van ongelijkheid. De fiets is een heel mooi middel voor armoedebestrijding. Daarnaast zijn er natuurlijk de gezondheidsaspecten.

Als laatste hebben we een diplomatiek motief. De fiets is een krachtig symbool van Nederland en het kan helpen om de diplomatieke relaties te versterken. Wanneer een Nederlandse ambassade een mooi fietsevent organiseert, vestigt dit de aandacht op Nederland. Dat kan de deur openzetten voor een opdracht in een hele andere sector.

Waar zijn jullie het meest trots op?

“We hebben de afgelopen jaren veel mooie relaties kunnen smeden. En we zijn vooral heel trots op die ThinkBike-workshops. Er zijn daardoor een paar steden daadwerkelijk aan het werk gegaan. Zij hebben soms een heel netwerk van fietsinfrastructuur aangelegd, geïnspireerd op Nederlandse kennis en kunde. Dat is heel gaaf om te zien. Aan die steden hebben wij een zetje in de goede richting gegeven.

We mogen volgens mij sowieso wel wat trotser zijn op Nederland Fietsland. De grote meerderheid van de Nederlanders weet niet dat wij goud in handen hebben. De fiets neemt een kwart van alle mobiliteit in ons land voor zijn rekening en dat is echt uniek. Daar mogen we trots op zijn.

In Nederland is de fiets voor alle leeftijden, voor alle doelgroepen. Fietsen is voor iedereen toegankelijk en dat is heel uniek. We zijn soms blind voor het succes en tegelijkertijd moeten we echt aan het werk blijven en vol aan de bak om die koploperspositie te behouden.”

Hoe zie je de toekomst van de Dutch Cyling Embassy voor je?

“Heel rooskleurig. Er liggen torenhoge kansen om de komende jaren vol aan de bak te blijven. Er worden namelijk in de landen om ons heen miljarden geïnvesteerd in het upgraden van de fietsinfrastructuur, terwijl er een enorm gebrek is aan kennis en expertise.”

Nederland heeft een koploperspositie, maar kunnen wij ook zaken leren van het buitenland?

“Ik vind het inspirerend dat een aantal steden heel progressief bezig is. Denk aan Parijs en de 15-minutenstad. We kunnen vooral leren van de framing die hier wordt ingezet. Fietsen is daar geen doel op zich, maar een belangrijk middel voor een veel groter doel.

Zo krijgen we de steden duurzamer en zorgen we voor een actieve en gezonde bevolking. Het draagt bij aan de maatschappelijke opgaven. Dat drukken we in Nederland nu al wel uit, maar als we duidelijk kunnen maken dat de fiets de deur opent naar meer, dán zijn we echt ergens.”

U las zojuist één van de gratis premium artikelen

Onbeperkt lezen? Maak gebruik van de exclusieve aanbieding

Bekijk de aanbieding

Auteur: Inge Jacobs

Inge Jacobs is vaste redacteur voor VerkeersNet en schrijft daarnaast voor verschillende andere vakbladen van Promedia Group, zoals OVPro.nl en TaxiPro.nl.

Reageer ook

Nog maximaal tekens

Log in via een van de volgende social media partners om je reactie achter te laten.