‘Grensregio Oost-Nederland moet beter bereikbaar worden’

Steden langs de Duits-Nederlandse grens moeten beter met elkaar verbonden worden, vinden de bestuurders van de steden en van samenwerkingsverbanden daar. Deze week tekenden zij een intentieverklaring die dit moet bewerkstelligen.

Tot de ondertekenaars behoren bestuurders van het MONT-netwerk, dat bestaat uit de steden, gemeenten Münster, Osnabrück, netwerkstad Twente (Enschede, Hengelo, Almelo, Borne en Oldenzaal) en het EUREGIO-netwerk. Dit netwerk telt 129 lidgemeenten – 104 aan Duitse en 25 aan Nederlandse zijde.

Bereikbaarheidsprobleem

Aanleiding voor de ondertekening is een groot bereikbaarheidsprobleem. De huidige kwaliteit en capaciteit van het vervoer over de weg en het spoor, maar ook over het water en door de lucht, zouden de sociaaleconomische groei van de regio beperken. En dat terwijl in het gebied 3,4 miljoen mensen wonen en het op kruispunt ligt van belangrijke logistieke clusters en corridors. Daar moet verandering in komen en de intentieverklaring moet daar voor gaan zorgen.

Concreet willen de ondertekenaars zich onder andere inzetten voor de uitbreiding van de wegverbinding Zwolle-Münster. Hoge prioriteit heeft het verbeteren van de doorstroming op het knooppunt Azelo-Buren.

Elektrificatie

Ook het spoorvervoer heeft de aandacht. De betrokken partijen zetten zich in voor de uitbreiding van de West-Oost-As (Amsterdam-Berlijn). Ook willen ze de internationale en grensoverschrijdende treinverbinding tussen de steden Münster-Hengelo-Zwolle aanpakken. Elektrificatie, inzet van treinstellen met een hogere capaciteit en een verdere concentratie van treinaanbod, behoren tot de concrete maatregelen.

Tenslotte willen de ondertekenaars dat de luchthaven Münster-Osnabrück beter bereikbaar wordt vanuit Nederland en andersom. En dat de steden in het grensgebied vaker innovatieve, stadslogistieke concepten met elkaar uitwisselen.


Mail de redactie

MEER OVER DIT ONDERWERP