Ministers: automobilisten met alcohol op harder aanpakken

Het kabinet wil meer doen om te voorkomen dat mensen met te veel alcohol op achter het stuur kruipen. Minister Grapperhaus van Justitie en Veiligheid en minister Van Nieuwenhuizen van Infrastructuur en Waterstaat willen personen die met te veel alcohol op rijden, sneller kunnen uitsluiten van deelname aan het verkeer en harder kunnen aanpakken. Dat schrijven de bewindslieden in een brief aan de Tweede Kamer.

De maatregelen van minister Grapperhaus maken deel uit van een groot wetsvoorstel om de strafmaxima van ernstige verkeersdelicten te verhogen. Dit wetsvoorstel gaat nog deze week in consultatie. Minister Van Nieuwenhuizen verlaagt in overleg met het Centraal Bureau Rijvaardigheidsbewijzen (CBR) de grens van het onderzoek naar de geschiktheid.

Grens

Voor ervaren bestuurders ligt de grens nu op 1,8‰ en dat wordt mogelijk 1,3‰. Voor bestuurders die al eerder in de fout gingen, wordt de grens mogelijk verlaagd van 1,3‰ naar 1,0‰. Hoe lager de grens, hoe eerder het rijbewijs ongeldig is en hoe sneller deze bestuurders verboden wordt de weg op te gaan. Het plan wordt nu verder uitgewerkt en volgt dit voorjaar. In 2017 zijn ruim 17.000 bestuurders aangehouden met een promillage van 0,8 of meer, laten beide ministers weten.

Verder stellen de ministers maatregelen voor die de effectiviteit van de maatregelen en sancties verhogen en het stelsel van bestuurs- en strafrecht vereenvoudigen. In dat kader wordt onder meer voorgesteld de recidiveregeling ernstige verkeersdelicten te laten vervallen, omdat deze regeling het stelsel erg complex maakt en de effectiviteit beperkt is. Zeker als de grens van het onderzoek naar de geschiktheid wordt verlaagd.

Ongeldig verklaard

Onderzocht wordt of het rijbewijs op andere manieren, dan op grond van het onderzoek naar de geschiktheid, ongeldig kan worden verklaard. Bijvoorbeeld door de rechter de bevoegdheid te geven het rijbewijs ongeldig te verklaren. Ook wordt bezien of de rechter de mogelijkheid kan worden gegeven een ontzegging van de rijbevoegdheid dadelijk uitvoerbaar te verklaren, zodat wordt voorkomen dat de betrokkene aan het verkeer kan blijven deelnemen tijdens de behandeling van het hoger beroep.

Daarnaast is het voorstel om het stelsel zo in te richten dat het bestuursrechtelijke traject (zoveel als mogelijk) is afgerond voordat de zaak strafrechtelijk wordt beoordeeld. Op deze manier weet de strafrechter bijvoorbeeld of de betreffende bestuurder al een onderzoek naar de geschiktheid opgelegd heeft gekregen en of hij hier al dan niet geschikt uit is gekomen, zodat hij kan afwegen of hij daarnaast nog een passende en effectieve straf kan opleggen.

Weinig meerwaarde

Het alcoholslotprogramma (ASP) herinvoeren zien de ministers niet zitten. Uit hun onderzoek is gebleken dat invoering van het alcoholslot in het strafrecht weinig meerwaarde biedt, omdat rechters het alcoholslot naar verwachting slechts in een beperkt aantal gevallen zullen opleggen. Daarnaast zijn er andere nadelen van het alcoholslot in het strafrecht. Ze wijzen op een factsheet van SWOV waaruit blijkt dat het effect van het alcoholslot op recidive beperkt is tot de duur van het programma.

Ook is het stelsel van het alcoholslot volgens hen niet waterdicht. Er wordt een extra drempel opgeworpen om met alcohol op deel te nemen aan het verkeer, maar niet voorkomen kan worden dat personen die te veel hebben gedronken alsnog een ander voertuig nemen of anderen laten blazen.

Twee straffen

Het ASP werd in 2011 ingevoerd. Het CBR kon dat programma opleggen, zonder tussenkomst van een rechter. In de praktijk kon iemand die teveel gedronken had, dus twee straffen krijgen: een ASP en een straf van de strafrechter. Een kleine vier jaar na invoering werd het ASP afgeschaft. De Hoge Raad oordeelde in 2015 dat een ASP, hoewel formeel geen straf maar een bestuurlijke maatregel, erg lijkt op de situatie dat een rechter de betrokkene bestraft en er dus inderdaad sprake is van een dubbele bestraffing. En dat mag niet. Immers: wettelijk is bepaald dat iemand voor hetzelfde feit niet twee keer mag worden bestraft.

Vrijwel tegelijk oordeelde de Raad van State in een andere zaak dat het verplicht opleggen van een alcoholslotprogramma in de praktijk leidt tot ongelijkheid en willekeur, omdat het voor de ene persoon veel ernstiger gevolgen heeft dan voor de ander.

Onder druk

Het onderzoek naar het ASP kwam er onder druk van de Tweede Kamer. Een motie daartoe van CDA-kamerlid Martijn van Helvert werd eind vorig jaar met grote meerderheid aangenomen. Kamerleden willen dat het alcoholslot wordt ondergebracht in het strafrecht, zodat niet het CBR maar de rechtbank deze straf kan opleggen. Het zou dan moeten gaan om een ‘alcoholslot light’, waarbij de straf minder lang wordt opgelegd.

De voorkeur gaat uit naar de eerder hierboven genoemde maatregelen, zeggen de ministers Grapperhaus en Van Nieuwenhuizen nu. Ook kijken ze met veel belangstelling naar de proef met de zogeheten Alcoholmeter. Met de Alcoholmeter wordt het gebruik van alcohol continu gemeten. De Alcoholmeter is gekoppeld aan het alcoholverbod, een van de bijzondere voorwaarden die de rechter kan opleggen bij een voorwaardelijk opgelegde sanctie na het plegen van een delict onder invloed van alcohol. De proef loopt tot eind 2018. Uit de eerste ervaringen blijkt dat Alcoholmeter bijdraagt aan een gedragsverandering om af te zien van alcohol.

Auteur: Jan Pieter Rottier

Jan Pieter Rottier is redacteur van VERKEERSNET.nl. Hij schrijft ook regelmatig voor de andere vakbladen van ProMedia Group.

Reageer ook

Nog maximaal tekens

Log in via een van de volgende social media partners om je reactie achter te laten.