Mobiliteitsprofessionals zitten voorlopig niet bij de pakken neer

Mobiliteitsdeskundigen zien de coronacrisis voorlopig niet somber in, blijkt uit een enquête van VerkeersNet. 73 procent ziet niet of nauwelijks gevolgen voor de beschikbaarheid van zijn of haar werk. Bijna iedereen werkt thuis en woorden als prima en goed komen vaak voor. 62 procent van de ondervraagden ziet werk nog niet in gevaar komen door de uitval van collega’s. 40 procent verwacht het zo meerdere maanden vol te kunnen houden. De situatie biedt volgens velen zelfs kansen om de manier waarop we reizen compleet anders in te richten.

Aan het online onderzoek deden 350 mensen mee. 45 procent werkt bij de overheid, 20 procent bij een adviesbureau, 12 procent in educatie en onderzoek. Een klein deel is gepensioneerd. 76 procent zit in loondienst, 10 procent is zzp’er. 2 procent is directeur of eigenaar van een organisatie.

Kwinkslag

10 procent heeft een cruciaal of vitaal beroep. Dan moet je denken aan iemand bij de alarmcentrale, politie of in het ov. 90 procent, met andere woorden, heeft ‘gewoon’ werk. “De wereld draait door als ik er even niet ben”, schrijft iemand. Een ander merkt met een kwinkslag op: “Niet volgens de NCTV, maar verkeersveiligheid is natuurlijk best cruciaal”

73 procent ziet niet of nauwelijks gevolgen voor de beschikbaarheid van werk. “Ik ben veelal met langere termijnonderwerpen bezig”, motiveert iemand die bij de overheid werkt. Een sectorgenoot zegt zelfs “ik heb een werkvoorraad voor maanden.” Een rijschoolinstructeur zegt ook voldoende werk te hebben. “Tot op heden blijf ik les geven aan leerlingen die dat willen en gezond zijn.”

Extreem druk

Dat geldt niet voor iedere rijschoolinstructeur overigens; het zijn er slechts een paar. Meerderen geven aan dat de lesauto op de parkeerplek blijft staan. In totaal zegt 21 procent van de ondervraagden vrijwel of helemaal geen werk meer te hebben. “Ik zie een forse afname van vervoersvolume bij mijn opdrachtnemer”, motiveert een opdrachtgever in het WMO-vervoer.

5 procent zegt juist meer werk te hebben. Bijvoorbeeld iemand die in de biomedische sector en het universitair onderwijs werkt en het onderwijs draaiende moet houden en tegelijk ook onderzoek moet doen en ondersteunen. Een ander, werkzaam bij een branchevereniging, zegt “als organisatie zijn we extreem druk om leden te informeren en richting de overheid te communiceren.”

Meer doen

Bijna iedereen werkt thuis. Iemand die werkt in het verkeersmanagement merkt op dat er, indien nodig met toestemming overleg is op locatie. Dat telewerken bevalt de ondervraagden eigenlijk aardig. Woorden als prima (22 procent) en goed (19 procent) komen vaak voor. “Je kunt meer doen in dezelfde tijd”, schrijft iemand ook.

Verschillenden merken wel op dat het lastig is als er kinderen rondhobbelen en missen sociale interactie. Anderen geven aan dat ze thuis achter de pc kruipen wel gewend zijn. Voor een enkeling is het nieuw en is het zoeken hoe alle programma’s werken. Het is dan ook vooral die groep die zegt: ik hoop dat het allemaal niet te lang duurt.

Zelf besmet

9 procent is bang dat het uitvallen van collega’s het werk in gevaar brengt. Een toezichthouder bij de rijksoverheid spreekt uit eigen ervaring. Hij en zijn projectleider zijn besmet. 27 procent laat een stellig nee horen. Zomaar een motivatie van iemand die bij de overheid werkt: “collega’s werken op allerlei plaatsen”. Met andere woorden: er is weinig besmettingsgevaar en mensen kunnen werk van elkaar overnemen. 62 procent ziet voorlopig geen gevaar. Velen in die categorie merken op dat ze nog helemaal geen collega’s hebben die ziek zijn geworden.

In de enquête is ook gevraagd wat iemands organisatie doet om eventueel uitval van werk op te vangen. Bij deze vraag waren meerdere antwoorden mogelijk. 70 procent zegt: niet van toepassing. Mogelijk ook omdat veel mensen werkzaam zijn bij een overheid of onderzoeksorganisatie. Een groot deel van deze groep weet eigenlijk ook niet precies hoe het zit. Mogelijk dat de organisatie waar ze werken daarvoor te groot is. 9 procent vraagt werktijdverkorting aan. 6 procent neemt afscheid van tijdelijke medewerkers en uitzendkrachten en een even groot aantal bespaart op vaste lasten.

Veel mogelijk

Over de vraag hoe lang iemands organisatie deze omstandigheden vol kan houden, zijn de meesten tamelijk positief. 41 procent zegt meerdere maanden. Een consultant motiveert: “als het werk niet helemaal opdroogt, kan ik nog wel even doorgaan.” 26 procent stelt dat deze vraag niet aan de orde is. Het gaat voornamelijk om mensen die bij de overheid werken of voor een onderwijsinstelling. 24 procent denkt dat de organisatie het meerdere weken tot een maand volhoudt. De opties ‘enkele dagen’ en ‘minstens een week’ hebben beiden 1 procent.

Heel veel mensen denken dat deze situatie nieuwe kansen en mogelijkheden met zich mee brengt. “Maximaal thuiswerken is enorme kans voor mensen om te ervaren dat er best veel wél mogelijk is qua thuis- of telewerken”, zegt een adviseur. “Dit kan voor een deel bestendigd worden na de crisis waarbij er wellicht iets minder infra-uitbreiding of mobiliteitsprojecten nodig zijn.”

Frisse lucht

Een andere adviseur merkt op: “Het feit dat iedereen thuis moet zijn, zet mij en ons allen aan het denken dat we ons zelf wel heel veel en vaak verplaatsen. Ik heb het idee dat je hier wel eens blijvende effecten van kunt krijgen (minder congestie), die je via beloningssystemen en allerlei andere zaken niet voor elkaar had kunnen krijgen. ”

Weer een ander zegt ander: “wat een frisse lucht buiten! Dit drukt ons weer met de neus op het feit dat auto’s (en brommers/scooters) verschikkelijke luchtverontreinigers zijn en verpesters van onze leefomgeving.”

“Tijd voor bezinning”, zegt een verkeerskundige. “Waarom niet thuiswerken/lessen gestructureerder instellen, zowel voor de arbeidsmarkt als scholen. Geen files meer, verkeersveiliger en schonere lucht in steden, en niet meer asfalt nodig. In het ultieme geval raak ik alleen als verkeerskundige dan wellicht mijn baan kwijt.”

VerkeersNet is benieuwd naar hoe andere mobiliteitsprofessionals met de coronacrisis omgaan. Wil je jouw oplossingen, inzichten, ideeën en tips met ons delen? Stuur dan een mailtje naar [email protected].

Lees ook: Dossier coronavirus op VerkeersNet

Auteur: Jan Pieter Rottier

Jan Pieter Rottier is redacteur van VerkeersNet.nl. Hij schrijft ook regelmatig voor de andere vakbladen van ProMedia Group.

Reageer ook

Nog maximaal tekens

Log in via een van de volgende social media partners om je reactie achter te laten.