Thuiswerken is ook niet alles

Als meer mensen door thuis te werken de spits mijden, leidt dat tot minder files. Maar niet iedereen wordt daar gelukkiger van.

Ieder jaar werken meer mensen minimaal één dag per week thuis, bleek onlangs uit de Gedragsmeting 2016 van Beter Benutten. Maar van de 38% werkenden die de mogelijkheid heeft om thuis te werken, doet momenteel nog minder dan de helft dit minimaal eens per week en dat biedt kansen, aldus luidde de conclusie.

Maar volgens het CBS kennen thuiswerkers echter niet per se een betere privé-werkbalans. Werknemers en zelfstandig ondernemers die weleens thuiswerken, werken niet alleen het meest over, maar kennen ook de hoogste werkdruk. Vaker dan werkenden die gewoonlijk thuiswerken of juist helemaal niet thuiswerken, geven incidentele thuiswerkers aan dat ze activiteiten met hun familie missen of verwaarlozen (zegt 61% van hen).

Nederland telde in 2015 bijna 8,3 miljoen werknemers en zelfstandigen. Bijna 3 miljoen van hen werken thuis. Van deze thuiswerkers geeft 62 procent aan dit incidenteel te doen, terwijl 38 procent gewoonlijk thuiswerkt of de eigen woning als uitvalsbasis gebruiken, zoals zelfstandige schrijvers of fotografen. Daarnaast werken ruim 1,8 miljoen personen, 22 procent van alle werkenden, incidenteel thuis. Een op de zes doet dit op vaste dagen.

De top-5 beroepsbeoefenaars die het vaakst gewoonlijk in of vanuit thuis werken, bestaat geheel uit zelfstandigen. Het betreft auteurs en kunstenaars, specialisten op artistiek en cultureel gebied, ICT-specialisten, adviseurs op het gebied van marketing, PR en sales en specialisten bedrijfsbeheer en administratie.

Onderwerpen:

Auteur: Redactie

Reageren op dit artikel is niet mogelijk.