autokilometers, snelweg

KiM: door thuiswerken zal spits in 2025 minder druk zijn

Het Kennisinstituut voor Mobiliteitsbeleid (KiM) verwacht dat het in 2022 of in 2023 weer net zo druk op de Nederlandse wegen is als in 2019. In de jaren daarna volgt groei, die slechts gedeeltelijk kan worden opgevangen door de geplande uitbreiding van de wegcapaciteit. Hier staat tegenover dat het reistijdverlies zal niet groeien, of minder dan gebruikelijk. Vooral in de spits worden de baten gemerkt van thuiswerken en online vergaderen.

Dit blijkt uit de Kerncijfers Mobiliteit 2020 van het Kennisinstituut voor Mobiliteitsbeleid (KiM). Het KiM heeft daarbij gekeken naar de ontwikkeling van mobiliteit in de afgelopen jaren, maar richt zich ook op de toekomst van mobiliteit aan de hand van twee scenario’s voor de macro-economische ontwikkelingen tot en met 2025. Het gaat daarbij om het scenario basisverkenning en het dieperdalscenario. Wel benadrukt het instituut dat de voorspellingen erg onzeker zijn door alle ontwikkelingen rondom corona.

Herstel verkeersvolume

Door de coronacrisis heeft de mobiliteit in Nederland een forse knauw gekregen. Mensen gingen minder op pad, waardoor het aantal auto’s op de weg afnam en het aantal reizigers in het openbaar vervoer flink terugliep. De verwachting is dat het wegverkeer zich weer snel zal herstellen. In 2022 of in 2023 denkt het KiM dat het volume weer op hetzelfde niveau is als in 2019.

En in 2025 is de verwachting dat het wegverkeersvolume op het hoofdwegennet ongeveer 5 tot 10 procent tot boven het volume van 2019 ligt, afhankelijk van of het basisscenario of het dieperdalscenario waarheid wordt. “De toename na de initiële coronadip in 2020 wordt vooral veroorzaakt door de economische groei en het groeiend aantal inwoners.”

Reistijdverlies

De nu beoogde uitbreiding van de wegcapaciteit is maar deels in staat om dit extra volume op te vangen. Toch betekent dat niet dat automobilisten veel langer in de file komen te staan, omdat KiM denkt dat het reisgedrag door de coronacrisis blijvend verandert. Vooral tijdens de spitsuren zal de druk afnemen.

Naar verwachting is het totale reistijdverlies op het hoofdwegennet in 2025 in de basisverkenning naar verwachting 20 procent hoger dan in 2019. Dat is minder dan de afgelopen jaren werd voorspeld. In het dieperdalscenario komt het totale reistijdverlies op het hoofdwegennet pas in 2025 weer op hetzelfde niveau als in 2019.

Fiets en OV

Het openbaar vervoer is eveneens flink getroffen in de laatste maanden, terwijl 2019 juist een recordjaar was. Het KiM verwacht dan ook dat het OV-gebruik opnieuw zal groeien wanneer de coronamaatregelen van de baan zijn. Toch zal het zeker tot 2025 duren voordat het niveau van 2019 weer wordt bereikt, omdat mensen ander mobiliteitsgedrag zijn gaan vertonen tijdens de coronacrisis. Individuele modaliteiten zullen daardoor vaker verkozen worden door sommige reizigers.

Dan gaat het om de auto, maar ook de fiets en de e-bike. Deze modaliteit is sowieso iets minder getroffen tijdens de crisis. Forenzen hoefden minder naar het werk, maar tegelijkertijd kozen meer mensen voor lange of korte uitstapjes of voor vakanties in eigen land en daar was fietsen een populaire activiteit. Hoewel dit nog niet gestaafd kan worden met cijfers, is de inschatting dat het totale fietsgebruik in 2020 vergelijkbaar is met 2019.

Toekomstige groei

De komende jaren zal dit toenemen. In het dieperdalscenario gaat dat om slechts 3 procent, maar in het basisscenario neemt het fietsgebruik zelfs iets meer dan 4 procent toe ten opzichte van afgelopen jaar. Hoewel mensen vaker zullen thuiswerken en thuis onderwijs volgen, kan die groei worden toegewezen aan de bevolkingstoename, een verschuiving van OV naar de fiets en langere afstanden die fietsers afleggen.

Dit laatste komt met name door de e-fietsen. Hierdoor kunnen grotere afstanden gemakkelijker worden afgelegd. De verkoop hiervan stijgt al enkele jaren. De gewone fiets wordt daarentegen juist steeds minder gebruikt en volgens het KiM zal die trend de komende jaren voortzetten. De afgelegde afstand met een fiets zonder trapondersteuning vermindert tot 2025 waarschijnlijk met zo’n 15 procent.

Auteur: Inge Jacobs

Reageer ook

Nog maximaal tekens

Log in via een van de volgende social media partners om je reactie achter te laten.