Deelauto’s en zelfrijdende auto’s zullen parkeerbehoefte straks flink verminderen

Door deelauto’s en zelfrijdende auto’s zijn in 2040 circa 40 procent minder parkeerplaatsen nodig. De ruimte die vrijkomt kan gebruikt worden voor circa 45.000 nieuwbouwwoningen en vergroening van de openbare ruimte met zo’n 12 miljoen nieuwe bomen. Dat concludeert het internationale adviesbureau Deloitte in nieuw onderzoek.

Op dit moment zijn er in Nederland ruim 14 miljoen parkeerplaatsen voor 8 miljoen auto’s die gemiddeld één uur per dag worden gebruikt, becijferde Deloitte. Het internationale adviesbureau wilde inzichtelijk maken welke plekken door smart mobility vrijkomen én geschikt zijn voor herontwikkeling. Als bron zijn verschillende openbare bronnen op nationaal- en gemeenteniveau gebruikt.

Vermindering

De onderzoekers zien dat het aantal benodigde parkeerplaatsen in het basis-scenario daalt naar circa 9 miljoen in 2040, een vermindering van zo’n 38 procent.

In eerste instantie komt dat door deelauto’s, die efficiënter gebruikt zullen worden dan privéauto’s. Hierdoor zijn minder voertuigen en daarmee parkeerplaatsen nodig om in dezelfde behoefte te voorzien. Op langere termijn zullen zelfrijdende auto’s het gebruik nog efficiënter maken en daarmee de parkeerbehoefte nog verder verlagen. Bij zelfrijdende auto’s is immers de locatie van de parkeerplaats nóg minder relevant.

Twee grote behoeftes

De Deloitte-onderzoekers hebben als gezegd verder berekend hoeveel ruimte hierdoor vrijkomt en in hoeverre die ruimte gebruikt kan worden voor het invullen van twee grote behoeftes: uitbreiding van de woningvoorraad en vergroening van de openbare ruimte.

In het basis-scenario biedt de vrijgekomen parkeerruimte tegen 2040 plaats voor 45.000 nieuwbouwwoningen. Daarnaast komt er plek vrij voor 7.000 hectare groen in de openbare ruimte. Dat zijn zo’n 12 miljoen nieuwe bomen. De kansen voor woningbouw zijn overigens vooral groot in de Randstad.

Weinig voorspelbaar

Het gaat om een prognose met een ruime bandbreedte, niet om een exacte voorspelling, benadrukken de onderzoekers. Vooral het tempo waarin smart mobility-concepten marktaandeel winnen is weinig voorspelbaar, verklaren ze. Technologische, maatschappelijke en economische ontwikkelingen bepalen het transitietempo, evenals de ontwikkeling van wet- en regelgeving. Desalniettemin is de conclusie duidelijk, zeggen ze: smart mobility kan leiden tot een lagere parkeerbehoefte en kan daardoor ruimte vrijmaken voor andere functies.

De conclusie is volgens Deloitte vooral relevant voor gemeenten, ontwikkelaars en vastgoedbeleggers. Het raakt immers rechtstreeks aan hun business case van gebiedsontwikkeling. De lagere parkeerbehoefte geeft mogelijkheden om het openbaar gebied aantrekkelijker te maken en/of meer uitgeefbare grond in te rekenen.

Korte termijn

Het tempo waarin nieuwe vervoersconcepten beschikbaar komen, levert wel een uitdaging voor gebiedsontwikkelaars. Want hoe gaan zij om met parkeerdruk op korte termijn? Dit vereist in de ogen van Deloitte een hogere mate van flexibiliteit in gebiedsontwikkeling zowel in ruimtelijke- als financiële zin.

Auteur: Jan Pieter Rottier

Jan Pieter Rottier is redacteur van VERKEERSNET.nl. Hij schrijft ook regelmatig voor de andere vakbladen van ProMedia Group.

Reageren op dit artikel is niet mogelijk.