‘MaaS is geen tovermiddel, denk goed na wat je er mee wilt’

Wat Mobility as a Service de maatschappij gaat brengen, hangt af van de uitgangspunten die de betrokken partijen formuleren. Dat betoogde Niels van Oort, onderzoeker van het Smart Public Transport Lab van de TU Delft en adviseur bij Goudappel Coffeng, op het Mobility as a Service-congres van VERKEERSNET. Hierover nadenken is belangrijk, zegt hij, want sommige uitgangspunten conflicteren met elkaar. Wat bijvoorbeeld reisgemak bevordert is niet per se goed voor het milieu of de doorstroming.

“Mobility as a Service (MaaS) is geen tovermiddel, je kunt er niet alles mee tegelijk”, zegt Niels van Oort. “Het is belangrijk om keuzes te maken. En dat betekent dat je sommige doelen moet laten varen.” Mensen kennen MaaS allerlei doelen toe, ziet hij: mensen van A naar B brengen bijvoorbeeld of doelgroepen voorzien in hun mobiliteitsbehoefte, maar ook congestie tegengaan en steden leefbaar houden.

Conflicteren

“Allemaal goed”, zegt Van Oort, “maar het is belangrijk om vast te stellen dat sommige doelen kunnen conflicteren met elkaar.” Wat bijvoorbeeld reisgemak bevordert is niet per se goed voor het milieu of de doorstroming. Daarover straks meer.

Om de effecten van MaaS te meten, gebruiken Van Oort en zijn collega’s een raamwerk met vijf e’s. Het is een soort meetlat waar de gevolgen goed in kaart gebracht kunnen worden. De eerste ‘e’ slaat op effective mobility. Dat slaat op de vraag hoe snel en betrouwbaar een reis op een bepaald traject is. De tweede ‘e’ van efficient cities. Hier gaat het om de vraag hoe we onze steden leefbaar houden en welk vervoersmiddel op welke plek het best ingezet kan worden.

Betere bereikbaarheid

Economy is de derde ‘e’. Economy is de derde ‘e’. MaaS kan immers door een betere bereikbaarheid ook wat opleveren – voor de maatschappij, maar ook voor het bedrijfsleven. Van Oort onderscheidt ook nog de ‘e’ van environment. Dat punt heeft te maken met de gevolgen voor milieu en gezondheid voor mensen. Met de laatste ‘e’ bedoelt hij equity. Maas kan zorgen voor meer gelijkheid, iedereen die wil reizen, moet kunnen reizen, is het idee.

Van Oort is dan ook erg blij met de met MaaS-pilots van het ministerie van Infrastructuur en Waterstaat, de regio’s en diverse marktpartijen. Die laten immers goed zien wat waar werkt en wat niet.

Wat zijn de effecten van MaaS? En is dat wat we willen? Volgens mij liggen hier nog heel veel onderzoeksvragen

Maar het is niet genoeg, vindt hij. Er is meer onderzoek nodig. “Mijn belangrijkste punt is: er moet meer onderzoek komen. Wat zijn de effecten van MaaS? En is dat wat we willen? Volgens mij liggen hier nog heel veel onderzoeksvragen. Wij pakken ze in ieder geval graag op, samen met de praktijk. Dat betekent samen onderzoek doen, samen experimenteren, samen fouten maken. Ja, dat gaat ook gebeuren. Niet alle experimenten zijn geniaal, maar je leert er wel van.”

Deelbare ritten

Er verschijnt wel steeds meer onderzoek, vertelt Van Oort. “Collega’s uit Boston keken naar reispatronen in New York. Van alle ritten bleek 95 procent in potentie deelbaar, zonder dat dat veel extra reistijd kostte – maximaal vijf minuten.” Daarom is het belangrijk, zegt Van Oort, om te weten wat de reiziger wil.

Hij wijst op onderzoek van het Scripts-team, waar naast de TU Delft ook de TU Eindhoven, de Hogeschool Arnhem-Nijmegen en de Radboud Universiteit bij betrokken zijn. “Aan mensen is gevraagd of ze interesse hebben om een MaaS-abonnement te nemen. 20 procent geeft aan open te staan. Dat laat zien dat er potentie is. Maar dat betekent dus dat 80 procent niet of niet per se open staat. Daar is dus nog een hele wereld te winnen.”

Vaker de taxi

Ook uit Scandinavië komt interessant onderzoek, vervolgt Van Oort (zie afbeelding hieronder). “Het individuele autogebruik neemt af door MaaS; mensen pakken vaker het OV. Dat is goed nieuws voor de vijf ‘e’s’. Maar wat nou als mensen die normaal altijd met het OV reizen ineens vaker de taxi pakken door MaaS?” Dat is immers, stelt hij, veel minder goed voor het milieu en de doorstroming. Uit het onderzoek blijkt, zo laat hij zien, dat 20 procent van de ondervraagden vaker met de taxi gaat.

Tekst gaat verder onder de foto

Dat laatste wordt bevestigd door onderzoek uit Londen, vertelt Van Oort (zie afbeelding hieronder). “Onderzoekers vroegen aan mensen: stel dat er een MaaS-platform komt, wat zou u met uw autoritten doen? Een kwart zegt: ik zou vaker met de metro gaan. Ook lopen en met de bus gaan noemen ze veel. Ze vroegen het ook aan reizigers in het OV. Meer dan een kwart gaf aan vaker een taxi te gaan pakken. Prima, de reiziger heeft meer keuzevrijheid, maar voor de duurzaamheid is dat natuurlijk niet goed.”

Tekst gaat verder onder de foto

Denk dus goed na wat je met MaaS wil, concludeert Van Oort. “We moeten het ons niet laten overkomen, maar goed helder hebben wat we willen, hoe MaaS daarbij kan helpen en wat we daar zelf voor moeten doen.”

Auteur: Jan Pieter Rottier

Jan Pieter Rottier is redacteur van VERKEERSNET.nl. Hij schrijft ook regelmatig voor de andere vakbladen van ProMedia Group.

Reageer ook

Nog maximaal tekens

Log in via een van de volgende social media partners om je reactie achter te laten.