Mobiliteitsbehoud cruciaal voor ouderen

ouderenMobiliteitsbehoud is cruciaal voor het behoud van een sociaal leven, het behoud van bewegingsvrijheid, en het behoud van vrijheid. Thuisblijven maakt passief, versterkt gevoelens van angst en depressie, terwijl actief zijn belangrijk is en bijdraagt aan levensvreugde en gezondheid.

DickdeWaardDat stelde prof. dr. Dick de Waard bij de aanvaarding van het ambt van hoogleraar Verkeerspsychologie en Mobiliteitsbehoud aan de Faculteit Gedrags- en Maatschappijwetenschappen van de Rijksuniversiteit Groningen.

Bij het ouder worden gaat het gezichtsvermogen achteruit en naast het feit dat verslechterde visus de waarneming direct beïnvloedt, is er ook indirect een effect op de zekerheid die men ervaart bij deelname aan het verkeer. Ook het gehoor gaat achteruit. Vooral als voetganger en fietser gebruiken wij geluid, we horen auto’s van achteren naderen, aldus de Waard.

‘Ouderen ervaren problemen in het verkeer, maar zijn ook heel goed in het mijden van deze problemen. Als ze slecht zien in het duister, proberen ze voor het donker thuis te zijn. En er zijn ouderen die kruispunten waar fietsers gelijk groen krijgen mijden, omdat ze dit te chaotisch vinden. Strategisch gedrag. Maar het vermindert de mobiliteit wel. Bovendien werkt het niet altijd.’

De Waard stelt dat mensen langer mobiel kunnen blijven door de infrastructuur te optimaliseren, door op of in het voertuig technologische ondersteuning te bieden, of door te bekijken of een ander vervoermiddel op een bepaald moment wellicht geschikter is.

‘Als de locaties waar fietsers en automobilisten elkaar ontmoeten zodanig ingericht worden dat auto’s niet hard kúnnen rijden en goed zicht hebben op de fietsers, dan neemt het aantal ongevallen af. Je moet hierbij denken aan het creëren van ruimte tussen het fietspad en de weg, bijvoorbeeld bij een T-splitsing, of het ophogen van het kruisende wegvak. En aan maatregelen in de berm, verharding, betere zichtbaarheid van stoepranden en objecten, en het verwijderen van fietspaaltjes. ‘

Als voorbeeld van technologische ondersteuning noemt Dick de Waard onder meer als voorbeeld de inzet van het navigatiesysteem om ouderen te helpen. Ouderen hebben vaak problemen met linksafslaan. Je kunt navigatiesystemen zo programmeren dat ze op lastige kruispunten het advies geven om beter drie keer rechtsaf te gaan, in plaats van één keer linksaf.

‘De timing van boodschappen zou ook beter kunnen, op maat voor het individu. Voor de een wat eerder dan voor de ander. Ook zou het gebruik van herkenningspunten, “landmarks”, kunnen helpen. Dus rechts afslaan “direct na het passeren van de benzinepomp”, in plaats van na de abstracte “300 meter”.’

‘Soms zijn er ook vervoersalternatieven, al hangt dat sterk af van de woonomgeving. Openbaar vervoer is met name in grote delen van de Randstad zo uitgebreid en frequent, dat het een uitstekend alternatief kan zijn. In andere delen van het land kan dit echter anders liggen. De overgang op een ander vervoermiddel, zoals een scootmobiel of fiets, is ook een optie.’

‘Bij al deze ingrepen is het van groot belang om gebruiksvriendelijkheid en de manier waarop mensen op (technologische) veranderingen reageren niet uit het oog te verliezen’, zo stelt de hoogleraar. ‘Automatisch rijden zou bijvoorbeeld uiteindelijk een belangrijke oplossing kunnen zijn. Ouderen behouden hun mobiliteit, kunnen zich verplaatsen in een warm transportmiddel zonder te hoeven wachten bij bushalte of op een perron, en minstens zo belangrijk, van deur-tot-deur. Maar deze systemen werken nog lang niet foutloos en het de vraag is of en wanneer ze algemeen beschikbaar komen. Tot die tijd bestaat er onduidelijkheid of je het stuur daadwerkelijk uit handen kunt geven en of je het systeem kunt vertrouwen. Dat leidt tot een onzekere situatie die we liever vermijden.’

Onderwerpen:

Auteur: Redactie

Reageren op dit artikel is niet mogelijk.