PostNL gebruikt een Stint. FOTO Stint

Minister: er was geen toezicht op de Stint

Er was geen toezicht op de Stint. Dat beaamt minister Cora van Nieuwenhuizen (Infrastructuur en Waterstaat) in een debat in de Tweede Kamer over de elektrische bolderkar. De Stint mag niet meer de weg op na een ongeval in Oss dat aan vier kinderen het leven kostte.

Er is door Kamer en kabinet destijds bewust besloten er “geen toezicht op te houden”, zei ze. De Stint – waarin tien kinderen kunnen worden vervoerd – mag sinds 2011 op de weg. De minister wil dat er opnieuw wordt gekeken naar de regels voor toelating en toezicht van dit soort bijzondere bromfietsen waaronder de Stint valt.

Geen andere optie

Er was volgens haar geen andere optie dan schorsing. “Verkeersveiligheid staat bij mij voorop.” De twijfels over de veiligheid van de constructie en aanpassingen aan het model waren volgens haar de doorslaggevende redenen om de Stint tijdelijk niet meer op de openbare weg toe te laten.

De Tweede Kamer steunt het rijverbod. De minister gaat op verzoek van de Kamer aan TNO vragen of het onderzoek naar de veiligheid van de bolderkar versneld kan worden. De verwachting is dat het onderzoek rond de jaarwisseling klaar is.

De bewindsvrouw betreurt het dat ze de Kamer niet uitgebreider heeft geïnformeerd over een proces-verbaal van een kinderdagverblijf in Amsterdam.

Argument

RTL Nieuws en Trouw stellen dat dat proces-verbaal werd gebruikt als argument om de Stint van de weg te halen. Een medewerker van het kinderdagverblijf vertelde de politie na het drama in Oss over remproblemen met de Stint. De ILT nam dit mee in een rapport, maar de medewerker vond dat de inspectie daarin onjuiste conclusies had getrokken en deed legde bij de politie een aanvullende verklaring af. De medewerker informeerde ook staatssecretaris Van Veldhoven.

Het bericht kwam ook bij Van Nieuwenhuizen terecht. Maar die vertelde daar in eerste instantie niets over aan de Kamer, dat gebeurde veel later. “Achteraf gezien hadden we de Kamer eerder moeten informeren”, zei Van Nieuwenhuizen. ,,Het was een omissie en dat betreur ik.” Ze benadrukt dat de melding geen doorslaggevende rol speelde bij het schorsen van de Stint. Daarom vond ze het niet belangrijk genoeg om te melden, zegt ze.

Onjuist

De PVV, SP en GroenLinks menen dat de Kamer onjuist is geïnformeerd. “Een eens maar nooit weer verhaal”, zei Roy van Aalst (PVV). De drie partijen willen nog wel een feitenrelaas over de melding van het kinderdagverblijf uit Amsterdam. Daarom wordt het debat dinsdag voortgezet.

Vooral de kinderopvang maakt gebruik van de Stint waarvan er zo’n 3500 rondrijden. Van Nieuwenhuizen gaat op verzoek van de PvdA bij gemeenten na of kinderdagverblijven in financiële problemen zijn gekomen door het rijverbod. Ook zei ze te willen kijken of ze kan helpen in die gevallen.

Rechter

Donderdag deed ook de rechter in Utrecht uitspraak in een kort geding dat was aangespannen door een kinderopvang Het Kinderstraatje uit Almere. De rechter oordeelde dat de elektrische bolderkar terecht van de openbare weg is gehaald.

De rechter bevestigde dus het standpunt van de minister Van Nieuwenhuizen. “De minister overweegt dat de verkeersveiligheid alle andere belangen aan de kant zet en dat is niet onredelijk.”

Contactsleutel

Het besluit van de minister om de Stint van de weg te halen was “gebaseerd op meerdere ernstige incidenten die verband houden met de rem. De Stints konden alleen stoppen door de contactsleutel om te draaien, soms terwijl hij op maximale snelheid reed.”

De aanvullende verklaring die is afgelegd door het kinderdagverblijf in Amsterdam, waardoor een incident wat minder ernstig lijkt, doet volgens de rechter geen afbreuk aan de problematiek met de Stint.

Auteur: ANP

Reageer ook

Nog maximaal tekens

Log in via een van de volgende social media partners om je reactie achter te laten.