Gemeentemedewerker met Stint. BEELD Stintum

OVV: onvoldoende aandacht voor veiligheid lichtgemotoriseerd voertuig

Er is onvoldoende aandacht voor veiligheid bij het op de weg komen van nieuwe licht gemotoriseerde voertuigen, zoals elektrische (bak)fietsen en scootmobiels. Dit komt mede door de grote verscheidenheid aan toelatingsprocedures, die afwisselende of helemaal geen eisen stellen aan de veiligheid van de voertuigen. Dit blijkt uit onderzoek van de Onderzoeksraad voor Veiligheid (OvV).

[Update donderdag 17 oktober]

De aanleiding van dit onderzoek was het ongeval waarbij een Stint in botsing kwam met een trein in Oss op 20 september 2018. Vier kinderen kwamen om het leven, de bestuurster van de Stint en een vijfde kind raakten zwaargewond. Het ongeval riep in de samenleving en de politiek vragen op over de veiligheid van dit type licht gemotoriseerde voertuigen. Het ongeluk met de Stint blijkt het topje van de ijsberg. Twintig procent van de in totaal 678 dodelijke slachtoffers in het verkeer waren vorig jaar gebruiker van een licht gemotoriseerd voertuig, schrijft de OvV.

Naast voertuigen die zonder keuring of via Europese procedures op de weg komen, bestaat er in Nederland een categorie voor bijzondere bromfietsen. De eisen voor deze categorie zijn zeker streng, maar zijn tegelijk wel minder strikt dan voor andere voertuigen. Reden daarvoor is omdat het ministerie innovatie wil stimuleren en de voordelen van dit soort voertuigen, destijds eigenlijk alleen de Segway, zwaarder vindt wegen. De OvV stelt dat er ‘grote politieke druk’ ten grondslag lag aan deze keuze. De Stint is ook toegelaten als zo’n bijzondere bromfiets. Momenteel staan er zestien voertuigen op de lijst, onder meer de Virto en de Paukool.

Niet opgelost

De categorie vertoont echter tekortkomingen, schrijft de OvV. “De definitie van deze categorie was tussen 2007 en 2015 erg breed, zodat veel verschillende soorten voertuigen hier binnen vielen en dus gemakkelijk op de openbare weg konden komen. Het toelatingsproces werd voorts eenvoudig ingericht en week sterk af van de Europese procedures: er werden minimale eisen gesteld aan het voertuig en de veiligheid daarvan. Hierdoor ontbrak een effectieve veiligheidstoets voordat de voertuigen op de weg kwamen.”

De Stint mag sinds het ongeval in Oss niet meer de openbare weg op. Nog altijd wacht de fabrikant op toestemming. De veiligheidseisen voor bijzondere bromfietsen zijn inmiddels aangepast, maar de toelatingsprocedure is niet gewijzigd. De tekortkomingen in het toelatingsproces zijn daarmee nog niet opgelost, aldus de Onderzoeksraad. “Hierdoor is er nog steeds onvoldoende zicht op de veiligheid bij het op de weg komen van licht gemotoriseerde voertuigen, waaronder de aangepaste Stint.”

Dezelfde fouten

Ook nu weer begaat de politiek de dezelfde fouten, stellen de onderzoekers. “Om zo snel mogelijk de nieuwe versie van de Stint de weg op te krijgen, heeft de Kamer – op nadrukkelijk verzoek van diverse brancheverenigingen in de kinderopvang – de minister opgedragen om het toelatingskader bijzondere bromfietsen in hoog tempo aan te passen. Net als destijds bij de Segway oefent de Kamer zo politieke druk uit om één specifiek voertuig (de Stint) weer op de weg te krijgen.”

Naast genoemde tekortkomingen bij de toelating van bijzondere bromfietsen signaleert de Raad ook veiligheidsproblemen bij de voertuigen die zonder keuring op de weg komen. Bijvoorbeeld de elektrische bakfiets, die net als de Stint tot tien kinderen kan vervoeren. De voertuigen zijn, aldus de onderzoekers, in snelheid, gewicht en functionaliteit grotendeels vergelijkbaar met elkaar, maar de elektrische bakfiets komt zonder toelatingsprocedure op de weg.

Europees model

Daarnaast, zo staat in het onderzoek, rijden er steeds meer voertuigen op de weg die officieel niet zijn toegelaten en in de praktijk dus illegaal zijn, zoals elektrisch aangedreven stepjes, elektrische skateboards en monowheels. Ook hierop ontbreekt volgens de OvV het zicht op de veiligheid en het gebruik ervan in het verkeer.

De Onderzoeksraad beveelt minister van Nieuwenhuizen (Infrastructuur en Waterstaat) aan om de wijze waarop licht gemotoriseerde voertuigen op de weg komen, te herzien. “De Onderzoeksraad is van mening dat de categorie bijzondere bromfietsen moet worden ingericht naar Europees model. De risico’s van alle licht gemotoriseerde voertuigen moeten in kaart worden gebracht en worden getoetst aan een door de minister vastgesteld veiligheidsniveau. Voor sommige voertuigen kan dat betekenen dat mogelijk alsnog een toelating wordt ingevoerd, voor andere dat de toelating opnieuw wordt beoordeeld. Voor voertuigen die al op de weg zijn, zijn mogelijk maatregelen nodig om alsnog de veiligheid te vergroten.”

Pijnlijk

De Onderzoeksraad beveelt verder aan dat een onafhankelijk keuringsinstantie eindverantwoordelijk wordt voor de besluitvorming over toelating, in Nederland is dat de RDW. “De Tweede Kamer en de minister zijn verantwoordelijk om beleid vast te stellen om de verkeersveiligheid op de openbare weg te verbeteren. De minister, noch de Kamer moet treden in de uiteindelijke beoordeling van de veiligheid van (nieuwe) voertuigen.”

Van Nieuwenhuizen wil “lessen trekken” uit het rapport, tekent persbureau ANP op. De OVV trek in dat rapport “pijnlijke conclusies”, erkent zij. De minister volgt, aldus het ANP, het advies van de Raad op om een onafhankelijke organisatie eindverantwoordelijk te maken voor de toelating van lichtgemotoriseerde voertuigen. Totdat dit is geregeld, zijn de adviezen van keuringsdienst RDW en de Stichting Wetenschappelijk Onderzoek Verkeersveiligheid bindend.

Auteur: Jan Pieter Rottier

Jan Pieter Rottier is redacteur van VerkeersNet.nl. Hij schrijft ook regelmatig voor de andere vakbladen van ProMedia Group.

Reageer ook

Nog maximaal tekens

Log in via een van de volgende social media partners om je reactie achter te laten.