‘Voorrang voor fietsers op rotondes? Niks aan veranderen’

De discussie over of fietsers wel of geen voorrang moeten hebben op rotondes, laait opnieuw op. Fiets- en verkeersveiligheidsexpert Hans Godefrooij deed er onderzoek naar voor onder meer het CROW. Hoewel de verschillen in verkeersveiligheid tussen beide opties groot lijken, is er niet zoveel winst te boeken door overal de fietser uit de voorrang te halen, betoogt hij. Bovendien doet het volgens hem geen recht aan alle argumenten die pleiten voor fietsers ín de voorrang.

Door Hans Godefrooij, DTV Consultants

De veiligheid van fietsers op rotondes staat weer volop in de belangstelling. Dat komt mede door de Verkenning verkeersveiligheid op rotondes in Nederland, die DTV Consultants eind vorig jaar uitvoerde in opdracht van CROW en het Ministerie van Infrastructuur en Waterstaat. Daarmee laait ook de discussie over fietsers IN of fietsers UIT de voorrang opnieuw op. Is het veiliger als fietsers op rotondes UIT de voorrang zijn? En is verkeersveiligheid een valide argument om de richtlijn aan te passen?

Wat is veiliger?

Rotondes zijn een veilige kruispuntoplossing. Zo levert ombouwen van een voorrangskruispunt naar een rotonde 50 procent minder ongevallen op. De daling in (brom)fietsslachtoffers is nog groter: ruim 70 procent. Het aantal slachtoffers (doden en gewonden) daalt na ombouw tot rotonde met ruim 80 procent. Wie de verkeersveiligheid wil verbeteren, doet er dus goed aan rotondes aan te leggen.

Daarbij geldt sinds 1998 de richtlijn dat fietsers op vrijliggende fietsvoorzieningen langs rotondes binnen de bebouwde kom wél voorrang hebben op het gemotoriseerde verkeer, en op rotondes buiten de bebouwde kom niet. Maar maakt het voor de verkeersveiligheid eigenlijk iets uit of fietsers in of uit de voorrang zijn?

Ongevallen

Onze verkenning laat zien dat van de 2.448 enkelstrooksrotondes binnen de bebouwde kom met een vrijliggend fietspad, er 1.699 het fietspad in de voorrang hebben. Op 749 rotondes hebben de fietsers geen voorrang. Het gemiddeld aantal geregistreerde fietsongevallen (ongevallen waarbij minimaal één fietser betrokken is) was in de periode 2015 – 2018 op de rotondes met fietsers in de voorrang 0,73. Op rotondes waar fietsers géén voorrang hebben, was dat 0,18.

Daarbij moet worden aangetekend dat het aannemelijk is dat de intensiteiten, zowel van het fietsverkeer, als van het gemotoriseerd verkeer, voor een groot deel het ongevalsrisico bepalen. In de cijfers is echter geen rekening gehouden met deze expositiemaat. Het kan natuurlijk zo zijn dat op rotondes met fietsers uit de voorrang minder wordt gefietst, en dat hierdoor (een deel van) het lagere aantal fietsongevallen wordt bepaald. Het verschil is echter dusdanig groot dat ik wel durf te concluderen dat fietsers uit de voorrang tot minder ongevallen leidt dan fietsers in de voorrang.

Te laat opmerken

Deze conclusie sluit aan bij de conclusies van de SWOV in 2005: rotondes met fietsers uit de voorrang zijn veiliger dan rotondes met fietsers in de voorrang. Als mogelijke redenen werden genoemd dat automobilisten op rotondes met fietsers in de voorrang soms, ten onrechte, menen voorrang boven de fiets te hebben. Wellicht komt dat door het gebrek aan uniformiteit van de voorrangsregeling op rotondes. Bovendien zouden automobilisten op een rotonde (te) veel waarnemingen in korte tijd moeten uitvoeren, waardoor ze een fietser te laat opmerken.

Zelf denk ik dat vooral het gedrag van de fietser een belangrijke rol speelt bij het verschil in ontstaan (en voorkomen) van fietsongevallen op rotondes. Als een fietser voorrang heeft, neemt deze immers vaak ook voorrang. En als een fietser géén voorrang heeft, is hij toch net iets terughoudender met zichzelf voor een aanstormende auto te werpen.

Is verkeersveiligheid een valide argument?

Op basis van het bovenstaande zou je gemakkelijk tot de conclusie kunnen komen dat de huidige richtlijn zo snel mogelijk moet worden aangepast. Veiligheid gaat immers boven alles, toch? Wat mij betreft is dat echter veel te kort door de bocht. Dat zou namelijk betekenen dat we ook onmiddellijk zouden moeten stoppen met een programma als Doortrappen, een initiatief van het ministerie van Infrastructuur en Waterstaat met de ambitie dat ouderen zo lang mogelijk veilig blijven fietsen.

Uit oogpunt van verkeersveiligheid moeten ouderen echter ‘niet doortrappen, maar afstappen’ en lekker achter de geraniums gaan zitten. Voor de duidelijkheid: ik vind Doortrappen een fantastisch programma, en vind verkeersveiligheid geen argument om mensen te stimuleren om binnen te blijven. We moeten dus ook naar andere argumenten dan alleen verkeersveiligheid kijken.

Wat zijn de argumenten voor fietsers in de voorrang?

Allereerst is er een juridisch argument voor fietsers in de voorrang op rotondes: rechtdoorgaand verkeer op dezelfde weg gaat voor. Een automobilist die een rotonde verlaat, moet een rechtdoorgaande fietser dus voor laten gaan als het fietspad onderdeel is van de rotonde.

Het plaatsen van haaientanden voor de fietser doet niets af aan deze regel. Haaientanden betekenen immers: verleen voorrang aan bestuurders op de kruisende weg. In CROW-publicatie 126, Fietsoversteken op rotondes, staat hierover: “Indien fietsers uit de voorrang worden gehouden, is het noodzakelijk de vormgeving van het fietspad zodanig aan te passen dat het fietspad niet meer tot de dezelfde weg behoort als de hoofdrijbaan. (…) Om buiten de discussie te blijven of het fietspad wel of niet tot ‘dezelfde weg’ behoort, wordt aanbevolen de oversteek op circa tien meter van de hoofdrijbaan te houden.” Binnen de bebouwde kom is er vrijwel nooit ruimte om deze tien meter daadwerkelijk voor elkaar te krijgen.

Uniformiteit

Het tweede argument komt voort uit de voorrangspositie van fietsers op andere rotondes. Uit onze verkenning is gebleken dat, hoewel ze volgens de richtlijnen niet worden aanbevolen, er in Nederland binnen de bebouwde kom behoorlijk wat rotondes liggen met een fietsstrook.

Ook liggen binnen de bebouwde kom veel rotondes zonder fietsvoorzieningen. Van de 3.650 enkelstrooksrotondes die binnen de bebouwde kom liggen, zijn er 723 (20 procent) voorzien van een fietsstrook; 460 rotondes (13 procent) hebben geen fietsvoorzieningen. Op deze rotondes hebben fietsers altijd voorrang, om de doodeenvoudige reden dat het niet anders kan. Uit oogpunt van uniformiteit is het dan logisch om fietsers ook op rotondes met vrijliggend fietspad in de voorrang te hebben. Buiten de bebouwde kom speelt deze ‘uniformiteitswens’ niet, aangezien rotondes buiten de bebouwde kom nooit fietsstroken hebben.

Voetgangers

Een derde argument is dat de voetgangersoversteken bij rotondes binnen de bebouwde kom meestal zijn uitgevoerd als zebrapad. Omdat het onwenselijk (en onveilig) is om een verschillend voorrangsregime toe te passen op naast elkaar gelegen fiets- en voetgangersoversteken, zouden ook alle zebrapaden bij rotondes moeten verdwijnen. Dat zal in sommige gevallen zorgen voor een enorme verslechtering van de oversteekbaarheid voor voetgangers.

Wat mij betreft is het meest belangrijke argument echter van een hogere orde: fietsvriendelijkheid. Er zijn veel redenen om het gebruik van de fiets te stimuleren. Het voert hier nu te ver om ze allemaal te noemen en uit te werken, maar het gaat om argumenten als gezondheid, bereikbaarheid, leefbaarheid, milieu (denk aan de stikstofdiscussie) en klimaat. Het is dus belangrijk om fietsen zo aantrekkelijk mogelijk te maken. Voorrang op rotondes voor fietsers is in dat kader een heel goede maatregel die zowel bijdraagt aan het comfort van fietsen (lekker doorfietsen, weinig stoppen), als aan een gunstige(re) reistijd van fietsen ten opzichte van de auto (zeker op binnenstedelijk niveau).

Conclusie

Een rotonde is, zoals eerder al aangegeven, hoe dan ook een relatief verkeersveilige oplossing voor alle verkeersdeelnemers; ook voor fietsers. Van de 13.000 tot 14.000 ernstige fietsongevallen die jaarlijks in Nederland gebeuren, wordt slechts 2 procent op rotondes geregistreerd. En hoewel de verschillen in verkeersveiligheid tussen fietsers in en fietsers uit de voorrang dus groot lijken, is er in absolute zin niet zoveel winst te boeken door overal de fietser uit de voorrang te halen. Bovendien zou dat geen recht doen aan alle argumenten die pleiten voor fietsers ín de voorrang.

Onze verkenning laat zien dat er nog een enorme diversiteit is in de vormgeving van rotondes. Er zijn maar weinig rotondes die echt volledig volgens het boekje zijn aangelegd. En hoewel er, uiteraard, altijd goede redenen zijn om van de richtlijnen af te wijken, zou verkeersveiligheid in het ontwerp toch een veel belangrijkere rol kunnen en moeten spelen.

Kwetsbaarheid

Het uitvoeren van een verkeersveiligheidsaudit door een gecertificeerd verkeersveiligheidsauditor kan ervoor zorgen dat verkeersveiligheidsrisico’s al tijdens het ontwerp aan het licht komen en worden beperkt. Zo kan het aantal ongevallen op rotondes nog verder worden teruggedrongen.

Omdat fietsers zelf een heel belangrijke rol kunnen spelen bij het voorkómen van ongevallen lijkt het zinvol om hen hiervan te doordringen. Betere bewustwording van hun kwetsbaarheid kan eraan bijdragen dat fietsers minder risico nemen bij het oprijden van een rotonde.

Wat mij betreft richten we onze pijlen, áls we ze al op rotondes richten, daarom vooral op het zo veilig mogelijk aanleggen van rotondes met fietsers in de voorrang. Én op een goede campagne om fietsers duidelijk te maken dat voorrang hebben, niet hetzelfde is als voorrang krijgen.

Auteur: Jan Pieter Rottier

Jan Pieter Rottier is binnen ProMedia Group als redacteur en presentator verantwoordelijk voor evenementen, tv-uitzendingen en andere video-content, zoals webinars en online congressen. Daarnaast schrijft hij regelmatig voor de Personenvervoer en Verkeer-vakbladen VerkeersNet, OVPro en TaxiPro.

10 reacties op “‘Voorrang voor fietsers op rotondes? Niks aan veranderen’”

sjaak Doornekamp|11.02.20|17:46

Ik woonde lange tijd in de noordelijke provincies waar consequent fietsers geen voorrang hadden bij rotondes. Als fietser heb ik dat best prettig gevonden. het is duidelijk en je kan goed anticiperen op aankomende auto’s, waardoor je bijna niet hoeft te stoppen. En als je moest stoppen kreeg je vaak voorrang van de automobilist. Dus dat die voorrang voor fietsers zo belangrijk is om fietsen te stimuleren bestrijd ik. Wachten voor verkeerslichten is veel ergerlijker.

sjaak Doornekamp|11.02.20|17:46

De conclusie dat automobilisten op een rotonde (te) veel waarnemingen in korte tijd moeten uitvoeren, waardoor ze een fietser te laat opmerken” kan ik onderschrijven. Vooral als de fietsers uit 2 richtingen komen. Als je als automobilist van zowel links als van rechts snelle fietsen moet zien aankomen, is de kans op een fout heel groot. En als in het donker de fietser geen licht heeft (40% van de gevallen) dat wordt het voor de automobilist onmogelijk om ongevallen te voorkomen.

R. H.|11.02.20|08:53

Als fietsers toch nergens op letten, maakt het in principe dus ook niet uit of ze voorrang hebben of niet; ze nemen het blijkbaar toch wel.
Dan is het maar duidelijker voor iedereen dat ze daadwerkelijk ook voorrang hebben.

Hans Wessels|01.02.20|12:34

Als je op straat iemand tegenkomt die groter en sterker is dan jij bent dien je onmiddellijk je geld aan die persoon af te geven. Dat is veiliger.

Hoe ga je met de rechten van zwakke verkeersdeelnemers om? Het makkelijkste is om alle voorrangsrechten van de zwakkere partij te ontnemen. Dat komt ten goede aan de verkeersveiligheid. En als het mis gaat is het de schuld van die zwakkere verkeersdeelnemer. Eigen schuld, had hij maar beter op moeten letten!

Bart Hogeweg|31.01.20|22:18

Dat “rechtdoor op dezelfde weg gaat voor” bij het verlaten van de rotonde,geldt ook voor voetgangers. Uniformiteit op rotonde’s zou veel ellende schelen. De ene gemeente heeft de fietsers uit de voorrang, de buurgemeente de fietsers in de voorrang.Veel fietsers rijden tegen de rijrichting in de rotonde over en realiseren zich niet dat ze laat of niet opgemerkt worden door verkeer dat de rotonde verlaat.Veel fietsers doen alles wat God verboden heeft,veel automobilisten vertonen hufterig gedrag.

Cedric Lemmer|31.01.20|19:16

Fietsers kunnen het beste standaard uit de voorrang worden gehaald, tenzij de situatie overzichtelijk genoeg is en de snelheid van de auto’s voldoende verlaagd is om fietsers veilig voorrang te verlenen. Eénbaansrotondes met fietsstrook werken toch als tweebaansrotondes met dezelfde soort conflictpunten? Het is veiliger om de fietsers met de rest van het verkeer te voegen mits de snelheid eruit gaat bij de automobilisten. En als daarvoor te weinig ruimte/capaciteit is, waarom dan geen (i)VRI?

Henk Van Der Zanden|30.01.20|20:58

DTV dient aanvullend onderzoek te doen. Vergelijk gelijkvormige rotondes met gelijke verkeersintensiteit t.o.v. elkaar inzake fietsers in en uit de voorrang. Dan zal de verkeersintensiteit in klassen moeten worden ingedeeld, dus er komen meer uitkomsten naast elkaar.

Paul van Weenen|30.01.20|13:08

Opmerkelijke reactie: fietsers letten nergens op. In het artikel zelf valt over automobilisten te lezen: “…dat automobilisten op rotondes met fietsers in de voorrang soms, ten onrechte, menen voorrang boven de fiets te hebben.(…) Bovendien zouden automobilisten op een rotonde (te) veel waarnemingen in korte tijd moeten uitvoeren, waardoor ze een fietser te laat opmerken”. Het staat er wat netter, maar zijn automobilisten niet net fietsers, met dit verschil dat vooral anderen slachtoffer zijn?

Roel Sannes|30.01.20|12:39

Er zijn te veel verschillen in Nederland qua voorrangsregels op rotondes. Men moet daar iets aan doen om dit een èènheid te laten worden. Niet dat hier ook extra op gelet wordt: mijn ervaring zegt iets hèèl anders. En men moet met het autoverkeer maar iedere keer wèèr gokken waar een fietser heengaat want een hand uitsteken schijnt niet meer van deze tijd te zijn. Het lijkt een beetje op ogen dicht en oversteken maar.

Roel Sannes|30.01.20|12:33

Reactie buschauffeur openbaar vervoer: het aantal ernstige fietsongevallen is niet vreemd te noemen. Fietsers hebben de neiging om bijna nergens op te letten en maar wat te doen. Niet kijken en zo maar oversteken,zonder behoorlijke verlichting rijden,met mèèr dan 2 naast elkaar rijden,en zo kan ik een eind doorgaan. Ik maak dat elke dag wèèr mee. Het punt blijft dat men altijd maar blijft denken dat men een extra risicogroep vormt en ieder ander daar op moet letten.

Reageer ook

Nog maximaal tekens

Log in via een van de volgende social media partners om je reactie achter te laten.