Shared Space objectief veilig, subjectief onveilig

Een evaluatie van vier Shared Space projecten bevestigt nogmaals dat het concept objectief gezien niet tot meer onveiligheid leidt, maar dat veel mensen dat wel vinden. Verder heeft het concept veel voordelen, behalve voor blinden en slechtzienden.

In opdracht van het ministerie van Infrastructuur en Milieu zette Stichting Ommelanden en Kenniscentrum Shared Space van de NHL Hogeschool een aantal ervaringen met Shared Space op een rij. Uit de evaluaties van de vier genoemde locaties komt volgens het Kenniscentrum, naar voren dat het aantal ongevallen voor zover gemeten ten opzichte van de oorspronkelijke situatie is teruggelopen. Wanneer er ongevallen plaatsvinden betreft het hoofdzakelijk blikschade en bij uitzondering lichte letselschade. De snelheid van het gemotoriseerde verkeer is niet gestegen. Dit geldt voor verschillende situaties met verschillende verkeersbelastingen (zoals voor een kruispuntbelasting van ca. 20.000 per etmaal in Drachten en voor traversen door het centrum met een intensiteit van 8.200, 12.000 en 18.200 mvt. per etmaal in Haren, Bohmte respectievelijk Köniz). De doorstroming voor gemotoriseerd verkeer is over het algemeen verbeterd, aldus de evauatie. Waar gemeten blijkt dat fietsers doorgaans voorrang krijgen. Voetgangers krijgen incidenteel voorrang, maar de oversteekbaarheid wordt doorgaans als verbeterd ervaren, doordat automobilisten weliswaar niet stoppen, maar vaart minderen om doorgang te verlenen. De toegankelijkheid voor rolstoel- en rollatorgebruikers en mensen met kinderwagens is verbeterd vanwege het ontbreken van hoogteverschillen tussen trottoir en rijbaan.Ook de ruimtelijke kwaliteit is verbeterd en de waardering hiervoor is hoog. Geluidshinder en CO2-uitstoot (gemeten in Köniz) nemen af.
De waardering voor de verkeersveiligheid is laag. Naar de oorzaken hiervan is weinig onderzoek gedaan. De veiligheid wordt wél hoog gewaardeerd als de hoeveelheid voetgangers en auto’s in evenwicht is, wat bijvoorbeeld het geval is in het centrum in Köniz, waar men erin is geslaagd een redelijk constante voetgangersstroom te stimuleren. Er ontstaan wel problemen voor blinden en slechtzienden, met name voor degenen met een blinden- geleidehonden, vanwege het ontbreken van hoogteverschil tussen trottoir en rijbaan. Daarnaast vindt ook een verlies van controle plaats: waar bevind ik me? Dit kan tot vermijding leiden en de mobiliteit kan worden beperkt. Dit geldt ook voor mensen ouder dan 50 jaar, die ruim 70% van alle slechtzienden uitmaken.
Bij de resultaten merken de samenstellers van het rapport op dat de positieve effecten op ongevallen, snelheid en doorstroming eventueel ook met een traditionele aanpak bereikt kunnen worden.

Onderwerpen:

Auteur: Redactie

Reageren op dit artikel is niet mogelijk.